Toen Shady Records in 2017 de broers Conway The Machine en Westside Gunn tekende en hun Griselda-imperium daar deels werd ondergebracht, doemde bij de een ’n lach en bij de andere fronsende wenkbrauwen op. Waar was neef Benny The Butcher gebleven in deze deal? In de jaren die volgden groeide hij met de releases van onder meer The Plugs I Met, Tana Talk 3 en Butcher On Steroids uit tot fan-favorite. Met zijn nieuwe album Burden Of Proof bewijst hij naar eigen zeggen dat hij een legende is.

Oké, hij was natuurlijk wél onderdeel van het Griselda-album WWCD (What Would Chine-gun Do?) dat Eminem mee uitgaf, maar kort na die release liet Benny al los dat hij denkt dat Shady Records spijt heeft hem toentertijd niet in de deal betrokken te hebben. Het lijkt eerder een zegen dan een vloek, want van Westside Gunn hebben we véél beter werk gehoord dan zijn onlangs verschenen Shady-debuut en van Conway’s eerste major release ontbreekt nog altijd ieder spoor.

Maar de haperende motor achter de major legde de Buffalo-spitters uiteindelijk geen windeieren. De naam Griselda groeide de afgelopen jaren uit tot dé movement binnen hiphop. Net als Gunn en Conway speelde ook Benny zich in de kijker met fijne releases vol mafioso-verhalen en duistere soundscapes. De hoeveelheid ogen die op het label gevestigd zijn brengt alle mogelijke aandacht met zich mee; een management-deal bij Roc Nation bijvoorbeeld, maar ook grotere featurings. Op Benny’s nieuwste wapenfeit doen bijvoorbeeld Lil Wayne, Big Sean (beiden op een beat die Jay en Ye skipten voor Watch The Throne!) en Rick Ross mee.

Kanye West en Jay-Z wilden deze beat in 2011 niet hebben voor Watch The Throne. Tekst gaat door onder de video.

En dat is niet alles, ook het personeel achter de knoppen heeft hij aangepast. Waar je op de meeste Griselda-releases namen van de in-house producers Daringer en Beat Butcha tegenkomt, is Burden Of Proof geheel geproduceerd door Hit-Boy. Die haalt een trukendoos open waar je U tegen mag zeggen. Van Over The Limit wil je tegen een bokszak rammen als nooit tevoren, de minimalistische loop van War Paint is een geweldige en als de beat van One Way Flight om hulp lijkt te schreeuwen, hebben Freddie Gibbs en de gastheer daar complete maling aan. Er wordt gerapt alsof ze niet de huidige generatie rappende superhelden zijn, maar up-and-coming-rappers uit de buurt. Die honger is het hele project niet uit Benny te krijgen.

Benny klinkt als een leeuw die net uit zijn kooi wordt losgelaten. Triomfantelijke koperblazers, engelachtige vocalen, soulvolle chops; het maakt ‘The Butcher’ niet uit. Die pakt voor elke track even vrolijk zijn slagersmes en dan kan het slachten beginnen. Vaak mondt dat uit in verhalen over drugsdeals of zijn tijd in de gevangenis, maar ook weleens in rouw. Hij treurt om het verlies van zijn broer Machine Gun Blak, maar is tegelijkertijd dankbaar dat hij zelf hun gezamenlijke droom heeft waar kunnen maken. Die twee emoties culmineren samen op Thank God I Made It.

Ook de track met de kortste speelduur is een hoogtepunt. In New Streets maakt vergelijkt hij zijn verleden als drugsdealer met de huidige hiphopgame. Want die werelden hebben wat Benny betreft verdacht veel met elkaar gemeen; het glamoureuze, maar ook de schandalen. Zijn tip is dan ook om je eerst goed te verdiepen in het spelletje dat je kiest. Onwetendheid is geen slecht ding, maar loop er niet mee tegen de lamp.

Ook al heeft Benny niet zo’n opvallende stem als zijn neven Westside Gunn en Conway The Machine, de overtuigingskracht mist geen moment. Hij is gangster (Fifty grand in the ‘frigerator, living room, killers waitin’ / Plastic on the floor like we renovatin’ ) kil en onverschillig (I buy her expensive shit and she forget to wear it). Delikaat wordt het pas bij de sublieme finaletrack, als Benny op een fabelachtige productie uiteenzet waarom hij als een legende gezien mag worden.

“Yo, fifty thousand in the drawer, at the W with some bitches
And every time I score, it’s a W for the villains
I’m somewhere in the hood, elbow rubbin’ with all the dealers
Sayin’, “Because of you, we ain’t been this comfortable in a minute”

Die woorden rapt hij op de pas in het tweede couplet invallende drumpartij, maar eigenlijk zitten alle vier (!) de coupletten van het slotstuk vol met quotables. In principe vat hij het samen in nog geen twintig woorden: “Yeah, fifteen years straight, I was crack sellin’ / Dope boy, made it out the hood, now that’s legend.” Een prachtige besluiting van een geweldige plaat.

Met Hit-Boy achter de knoppen levert Griselda na Pray For Paris en From King To A God nóg een meesterwerk af in 2020. De productie is daardoor iets meer glamour dan hood, maar zelfs dat gegeven laat Benny niet meebuigen. Die gebruikt zijn nieuw gevonden kennis over het sterrendom om zijn veranderde kijk op het leven te geven, door middel van achteloze flows en bars. De bewijsdrang en honger spreken daarbij uit elke lettergreep. Als een echte legend. En daar heeft The Butcher helemaal geen major voor nodig.

Stream:

Meer Releases, Reviews