Op zondag 28 september 2014 stond de alternative soul/electronica/hiphopact The Foreign Exchange ter ere van hun meest recente wapenfeit Love In Flying Colors in jazzclub BIRD, Rotterdam. Volgens de organisatie van BIRD konden we producer Nicolay maar voor 10 à 15 minuten lenen voor een interview omdat de soundcheck nog moest plaatsvinden, maar de Utrechtenaar, met naar blijkt Rotterdamse roots, besloot lekker zijn tijd te nemen en stond ons met groot plezier te woord. Wat een zakelijk, plichtmatig interview van hooguit een kwartier dreigde te gaan worden, werd uiteindelijk een fijn, openhartig en uitermate boeiend gesprek van ruim een half uur. Dit is te danken aan het uiterst relaxte karakter van onze succesvolle landgenoot die met het grootste gemak een inkijk gaf in het leven van een Grammy genomineerde producer.

Touren
Met een Red Bull blikje in zijn hand loopt hij ons tegemoet in de zaal en we besluiten om buiten voor BIRD een rustig plekje op te zoeken. Het energiedrankje verraadt voor een deel al wat voor beproeving een wereldtour kan zijn. Met de show in London van twee dagen eerder nog in de vingers en de lange rit naar Nederland in het lijf neemt Nicolay een slokje en vertelt: “Ja, het is inderdaad heel vermoeiend. Wat het vermoeiend maakt is het feit dat je laat klaar bent en daarna nog het gekloot hebt van dingen afbreken. Dus je bent normaal gesproken niet voor een uur of 2 à 3 terug in het hotel, maar je moet vaak een uur of 8 à 9 alweer de hort op richting de volgende venue.” Bereid om alles te delen en stiekem misschien ook wel blij om het even kwijt te kunnen vertelt Nicolay verder over hoe het touren z’n tol eist: “De uitputting slaat in de eerste twee dagen al toe en met name omdat we vanuit de States een nieuwe tijdzonde in knalden. Ik denk ook dat iedereen nog in de Amerikaanse tijd leeft. En toch waren de meesten van ons toch de hort op vandaag. Die hebben door Rotterdam gelopen, fietsen gehuurd. Je probeert iedere keer toch naar buiten te gaan.” 
Wanneer er wordt gevraagd naar ontspanning onderweg, wordt het in één keer heel duidelijk dat we te maken hebben met een rasechte Nederlander: “Onderweg luisteren we naar muziek en spelen we Playstation natuurlijk. Het zijn eigenlijk allemaal games waar ik niks mee kan. NFL dingen enzo, weet je? Gewoon dingen die mij als Nederlander niet echt inspireren. Helaas geen FIFA. Dan zit ik met zeven man in een bus die er geen reet van kunnen, maar ik ben absoluut wel een voetbalfan.”

Cultuurshock
De Utrechtse producer zette in dienst van zijn droom een hele grote stap door te verhuizen naar de Verenigde Staten. Over deze indringende verandering zegt hij: “Ik denk dat je er nooit echt aan went. Het is een proces dat nog steeds aan de gang is. Ik ging natuurlijk direct naar het Zuiden toe. Een wat conservatief klimaat, zeg maar. En dat is op iedere manier wel een cultuurshock.” Gezien het succes die hij met The Foreign Exchange heeft bleek het toch de juiste beslissing te zijn: “Voor mij was het een logische keuze, omdat ik in Nederland toch lastig voet aan de grond kreeg en het tegelijkertijd in Amerika erg goed ging met ons. Dus voor mij was het een no-brainer.”
Met een flinke portie Hollandse nuchterheid en een scheutje maatschappijkritiek bekent hij: “Maar soms zit ik daar en dan denk ik: waar ben ik in godsnaam beland? Ik wil terug naar huis, en soms kom ik hier en dan denk ik: ik wil morgen weer naar de States, weet je? Ze hebben allebei fantastische kanten en ook lelijke kanten, natuurlijk. Ik mis Nederland heel erg, maar dan barst die Zwarte Pieten discussie weer los en dan denk ik: ik ben blij dat ik hier weg ben, snap je?” 
Het debat rondom Zwarte Piet heeft mondiale proporties aangenomen, dus is het niet verwonderlijk dat hij daar als Nederlander ook over nadenkt, vooral omdat de rest van de wereld, inclusief Amerika, meekijkt. Hij vervolgt: “Ik denk dat het absoluut niet iets is van deze tijd. En ik denk dat je dat als kind misschien niet direct snapt, maar ik denk dat ieder weldenkend mens het op een gegeven moment toch wel doorkrijgt. Ik in ieder geval wel.” Met het oog op de maatschappelijke gevoeligheid van deze discussie vragen we Nicolay meerdere malen voor de zekerheid of dit allemaal on record mag: “Ja, alles mag on record. Met name dat Zwarte Pieten gedoe. Want ik weet hoe dat leeft. Het is ook binnen mijn familie af en toe een interessante discussie. Maar het moet ook weleens gezegd worden, vind ik, en daar moeten mensen ook niet bang over zijn. Ik bedoel, we gebruiken ook geen stoomtreinen meer. Op een gegeven moment moet je ook denken van: ‘We hebben zoveel bereikt als samenleving. Dit is duidelijk iets dat er doorheen geslipt is.’” Onbezorgd schaart hij zich bij de groep Nederlanders die duidelijk een probleem heeft met Zware Piet in zijn huidige vorm: “Dit moet gewoon omgetooled worden, zodat het in ieder geval geen racistisch gedoe meer is, want dat is het nu absoluut wel. Als kind heb ik het hartstikke hard meegevierd, maar vooral nu ik naar het buitenland verhuisd ben krijg ik daar vragen over. Phonté vroeg mij ook op een gegeven moment: “What the fuck is this shit?” Leg dat maar eens uit aan een zuidelijke, zwarte man. Dat is niet te doen. En dan wordt het opeens heel duidelijk.”

Nederland
Er liggen op het moment van het gesprek twee shows in Nederland voor hem in het verschiet, maar het optreden in Rotterdam geeft zijn korte verblijf in zijn geboorteland net wat extra glans: “Heerlijk om hier te zijn! Met name in Rotterdam, want, hoewel ik Utrechtenaar ben, liggen mijn roots hier. Mijn familie komt uit Rotterdam. Zowel mijn vaderskant als mijn moederskant komt hier vandaan. Krimpen a/d IJssel, Ridderkerk en omstreken. Dus voor mij is het wel een thuiskomst op die manier. Daarnaast hebben we nooit in Rotterdam gespeeld, dus dat maakt het een stuk specialer.” Matthijs ‘Nicolay’ Rook leidt een druk bestaan, maar laat merken dat hij toch weet wat er in Nederland allemaal speelt. Zo ook op het gebied van muziek: “Ik probeer het wel te volgen. Ik ben erg fan van Full Crate. Daar zie ik veel potentie in. Sotu The Traveller, Arts The Beatdoctor, Pete Philly en Giovanca. Dit zijn toch mensen die ik in de gaten probeer te houden. Ik heb wel het gevoel dat er nu meer gebeurt dan tien à vijftien jaar geleden. Toen ik nog hier was, was het vooral DuvelDuvel en Opgezwolle, meer de echte rap. Daar ben ik ook altijd groot fan van geweest. Maar ik houd toch vooral van soulmuziek, dus ik ben tegenwoordig meer gericht op zangers/zangeressen of in ieder geval hiphop met een sterke soulachtergrond.”

Helden
De in muziekwetenschap opgeleide beatmaker groeide op met onder meer Stevie Wonder en Neil Young, maar heeft een nog veel grotere lijst van muzikale helden. Wijzend naar de man op zijn shirt licht hij toe: “Prince. Hij is natuurlijk mijn grote held en altijd geweest. Prince en Michael Jackson eigenlijk tegelijkertijd. Toen ik me meer met hiphop ging bezig houden natuurlijk de hele Native Tongue-beweging en daarna J. Dilla. Maar ook The Beatles en verscheidene Nederlandse artiesten. Ik ben ook opgegroeid met Doe Maar en Het Goede Doel. En dat zit er bij mij toch stiekem in, ook al haal je dat er niet meteen uit.” Als één van de meest succesvolle Nederlandse producers en misschien wel dé meest succesvolle in het buitenland is het behouden van zijn identiteit heel belangrijk. Zoals hij al aangaf heeft hij ook Nederlandse muzikale helden en hebben zij ook aan zijn sound bijgedragen. Hierover vertelt hij: “Dat is misschien ook wel het aardige van opgroeien in Nederland. Aan de ene kant is het een land dat heel erg naar Amerika en Engeland kijkt in termen van muziek en stijl, maar tegelijkertijd ook hele eigen elementen heeft. In Amerika zeggen ze dat ik een heel erg Europees geluid heb en hier zeggen ze vaak dat ik een Amerikaans geluid heb. Ik denk dat het op een gegeven moment toch in mijn muziek is gekropen dat ik hier vandaan kom. Ik denk dat je dat wel hoort. Dat hoop ik in ieder geval. Want hoewel ik vertrokken ben, ben ik absoluut Nederlander en ben ik ook Nederlander gebleven en daar ben ik ook trots op. Dus het is wel belangrijk voor mij dat mensen ook weten dat het een belangrijk deel is van wat ik doe.” 
Zijn Nederlanderschap wordt nog eens bevestigd wanneer hij praat over helden van hem buiten muziek: “Voetballers denk ik. Absoluut het hele 1988 team, dus Gullit, Van Basten, Rijkaard, Kieft, Wouters. Ik denk eigenlijk regelmatig wel terug aan dat moment” aldus Nicolay. Wij bieden hem de ruimte om te ventileren over zijn gemengde gevoelens bij het WK van afgelopen zomer: “Ja, het was moeilijk. Of nou ja, moeilijk niet, want het ging natuurlijk heel goed en er zat ook meer in, al waren de laatste paar wedstrijden niet goed natuurlijk. Maar waar ik ook ben ter wereld, ik kijk altijd. Met dit toernooi waren we in California en was het wel lastig, want in Amerika zijn ze niet heel erg bezig met voetbal, maar het is me toch gelukt om het te volgen.” Terwijl hij zijn voorliefde voor de volkssport uit komt hij prompt op een naam die zijn diepe connectie met Rotterdam beaamt: “Mario Been is ook een held trouwens! Absoluut Mario Been. Als ik dan toch een Feyenoorder moet noemen. Sowieso is mijn vader een enorme Feyenoord fan. Ik kan zelf niet echt een team claimen hier, moet ik heel eerlijk zeggen, maar ik ben wel een aantal keer met mijn vader naar Feyenoord geweest.”

Muziek
Naast producer is Nicolay natuurlijk ook liefhebber en in een enkele geval zelfs een fan. Muziek kopen doet hij niet veel meer, maar als antwoord op de vraag wat de laatste plaat is die hij heeft gekocht zegt hij: “Dat is denk ik de tweede van Thundercat geweest. Is alweer een tijdje geleden. Het grappige is, ik koop niet heel veel muziek, omdat ik heel veel muziek krijg. Dat is natuurlijk ook mooi, maar als ik iets echt adoreer dan wil ik daar ook geld aan besteden. Thundercat is wat dat betreft echt mijn grote muzikale crush. Als ik Thundercat hoor dan word ik heel erg blij en daarna heel erg boos omdat ik het niet zelf gemaakt heb. Hij is zo’n gast die je raakt en tegelijkertijd verschrikkelijk kwaad maakt.” Onze aanname dat Thundercat iemand is met wie hij heel graag nog wil samenwerken wordt bevestigd, maar daar komt hij direct op terug: “Thundercat…Nou, nee ik denk het niet trouwens. Ik denk dat ik net even te geïntimideerd zou zijn. Dat is denk ik iemand die ik liever van gezonde afstand bewonder, zeg maar. Ik heb hem wel een paar keer ontmoet en het is echt een enorme zweefkonijn. Dat vind ik trouwens ook wel goed erbij passen. Het is echt een hele leuke wazige dude. Echt iemand die ik op een plateau plaats en verder liever van afblijf.” Vol lof praat hij over zijn idool die hij ook live aan het werk heeft gezien: “We speelden toen op een festival in North Carolina en Bilal, de trompettist Christian Scott en Thundercat waren er. Het was hij, met een drummer en een toetsenist. En het was eigenlijk onpretentieus goed. Alsof ze er niet eens echt zin in hadden of moeite ervoor deden. Al die fucking noten waren goud. Iedere seconde goud. Letterlijk!”
In het verleden had Nicolay nog wel een verlanglijstje met namen van artiesten met wie hij nog wel zou willen samenwerken, maar tegenwoordig kijkt hij daar anders tegenaan: “De grap is dat wanneer je die mensen dan noemt, dat het vervolgens eigenlijk nooit gebeurd. Ik heb vroeger weleens Jill Scott gezegd. Nooit gebeurd. Maxwell heb ik weleens gezegd. Gebeurt ook natuurlijk nooit.” Meteen daarna vertelt hij enthousiast over de featurings op de platen van The Foreign Exchange: “Er zijn grappig genoeg zoveel talenten om de hoek die geen naam hebben, die wij al die jaren op onze platen hebben gezet en wel iedere keer ‘ja’ zeggen, dat ik het liefst eigenlijk werk met iemand die ik nog niet ken.”

Produceren
We zijn bijna op de helft van het interview wanneer Nicolay vertelt wat hij het liefst doet wanneer hij niet produceert: “Dan gebeurt er eigenlijk vrij weinig verder. Ik houd heel erg van Netflix. Daar is echt heel veel binge watching mee gemoeid.” Wanneer we zijn kennis van televisieseries testen draait hij de zaak om en raadt ons een aantal series aan en af: “Orange Is The New Black! Beide seizoenen helemaal gekeken. Ik ben nu bezig met The Killing. Ik weet niet of je dat kent. Die is vrij slecht eerlijk gezegd. Geen aanrader. True Detective was geweldig! Dat was echt een ander niveau voor mij! Ik ben ook erg fan van Walking Dead.”
In eerdere interviews gaf hij aan dat hij eigenlijk niet zoveel samples gebruikt .Over hoe hij normaal gesproken te werk gaat vertelt hij het volgende: “Ik probeer er heel erg een 9 tot 5 mentaliteit aan te verbinden en echt naar het werk te gaan, tussen haakjes. Ik ga dan zitten en hopen op het beste. Er gaan eerlijk gezegd hele dagen voorbij dat er absoluut niks zinnigs uitkomt. Ik kan het niet echt ‘aan’ en ‘uit’ zetten, maar het gaat nooit echt weg, zeg maar. Dus ik ga gewoon zitten en ik begin meestal met een keyboard tegenwoordig en dan ga ik letterlijk zoeken, puzzelen, en acht van de tien keer lukt het.”
De begaafde muzikant heeft met de act The Foreign Exchange in 2009 een Grammy nominatie verdiend voor de track Daykeeper. Over het ontstaan van deze bloedmooie track verklapt hij: “Ik kwam terug uit Japan en ik had het idee in m’n hoofd. Normaliter gebeurt dat bij mij niet echt heel veel, dat ik het van tevoren al hoor. Maar toevallig hoorde ik wat en dan is het altijd nog maar de vraag of je het kan onthouden. Ik vaak niet. Maar ik heb het toen in een telefoon soort van half gebeatboxt, half ingezongen en toen ik thuis kwam heb ik het gemaakt. Ik weet dat ik het eerst niet naar Phonté wilde sturen, omdat het een hele andere sound voor mij was, maar toen ik het uiteindelijk toch stuurde was het exact wat hij anders wilde doen. Dat was het begin van onze experimenteerlust.”

Grammy’s
Onder meer grootheden als Stevie Wonder, Quincy Jones, Michael Jackson en Kanye West hebben ervaring met Grammy nominaties en hebben ook een veelvoud aan Grammy’s mogen incasseren. Wij waren reuze benieuwd naar hoe zij reageerden op het grote nieuws: “We hebben dat heel verschillend verwerkt. Ik werd helemaal gek ervan en Phonté ging naar bed. Die heeft het eigenlijk allemaal gemist, want hij geloofde het niet. Hij werd de volgende dag wakker en toen had hij iets van 150 smsjes. Ik ging helemaal door het lint. Eerst geloofde ik het ook niet echt, want we hadden daar geen rekening mee gehouden. Nooit serieus gedacht dat het zou gebeuren.”
Dankzij de track die Nicolay voor de zekerheid in zijn telefoon had gebeatboxt omdat hij bang was dat hij het zou vergeten schaart FE zich nu bij het select groepje die een Grammy nominatie op zijn naam heeft. Op papier is dit het allerhoogste podium, maar Nicolay brengt toch een zeer belangrijke nuance aan: “Dit is het hoogste podium als je het hebt over awards. Maar tegelijkertijd betekent het helemaal geen zier natuurlijk hè? Het betekent echt helemaal niks. Het is natuurlijk wel een grote eer. Met name voor onze familie was het heel mooi, want zij hebben ons 20 jaar lang muziek zien maken, met wisselend succes. Voor hen is het wel een validatie dat we goed bezig waren.” 
Je in dezelfde ruimte bevinden als de allergrootste artiesten is geen alledaagse ervaring en ook al betekent zo’n notering verder niet heel veel voor hem vond hij het wel tof om mee te maken: “Het moment was geweldig om mee te maken! We zijn naar de ceremonie en de receptie geweest, allemaal aan deelgenomen en dat was hartstikke leuk. We hebben echt iedereen ontmoet die je je maar kunt bedenken. Van Weird Al Yankovic tot Kenny G, Quincy Jones, Charlie Wilson, Jimmy Jam, Terry Lewis en noem maar op. Dus dat was het het wel waard natuurlijk. Maar daarna ga je gewoon weer door. Er verandert niet echt wat."

Hiphop
The Foreign Exchange is een act die niet in een hokje te plaatsen valt. Het wordt altijd omschreven met behulp van slashes. Ook hiphop valt onder die omschrijving en dit muziekgenre is ook ontzettend belangrijk geweest in zijn ontwikkeling. Dit is te horen op het eerste FE product Connected, maar ook op Nicolay’s solomateriaal. Over wanneer precies de vonk oversloeg zegt hij: “De La Soul, 3 Feet High and Rising was echt iets nieuws voor mij en een beetje License To Kill van Beastie Boys, maar dat was meer halve rock, rap en punk. Voor een hoop blanken was dat wel ‘the way in’. De eerste van A Tribe Called Quest natuurlijk, de eerste van Black Sheep, Ice Cube. Ik kan me nog heel goed Yo! MTV Raps herinneren. Dat was het moment dat ik er echt heel diep inging. Begin jaren 90 tot mid-jaren 90 was ik eigenlijk exclusief hiphop.”

The Foreign Exchange
Het verhaal achter het ontstaan van Connected heeft bijna iets mythisch. Op een gegeven moment kwamen er plannen voor het vervolgalbum Leave It All Behind en inmiddels woonde Nicolay in de VS. Ze werden nu niet meer belemmerd door de grote afstand. Phonté en hij konden nu eindelijk hun onmiskenbare chemie uitdiepen. Over de nieuwe werkwijze vertelt Nicolay: “Het was een hele grote overgang en tegelijkertijd gebeurde het exact hetzelfde. Connected heb ik gewoon in mijn slaapkamer gemaakt en Leave It All Behind ook, maar mijn slaapkamer was dan 4000 mijl naar het Westen. Ik ben direct naar North Carolina verhuisd. In een strandhuis, dat gemeubileerd was, dus ik kon er niets weghalen. Op een gegeven moment probeerde ik in mijn slaapkamer met mijn laptop toch om te beginnen met werken. Door die overgang heb ik denk ik toch wel een maand stil gelegen. Maar de muziek voor Leave It All Behind is allemaal gemaakt in het eerste jaar in dat huis aan het strand. Het was eigenlijk nog dezelfde werkwijze, omdat we nog steeds alles heen en weer stuurden via het internet. Ik woon namelijk een uur of twee bij Phonté vandaan. Dus eigenlijk doen we alles tot op de dag van vandaag hetzelfde.”
De discografie van The Foreign Exchange telt op het moment vier titels. Alle vier hebben ze zo hun eigen aantrekkingskracht en grenzen die zij doorbreken (zowel topografisch als muzikaal). Kiezen tussen geesteskinderen is altijd moeilijk, maar wij wilden graag weten van Nicolay of hij een album of tracks heeft waar hij het meest trots op is: “Op allemaal vanwege specifieke redenen. Daykeeper ben ik heel trots op. Omdat het zoveel heeft bereikt op eigen kracht. Ik ben ook heel trots op het nieuwe album, omdat ik in sonisch opzicht vind dat het een nieuwe stap voor ons is.” Met een gezonde dosis zelfkritiek voegt hij daar aan toe: “Er zijn ook wel dingen waarvan ik vind dat het minder goed gelukt is, maar tegelijkertijd maken die ook deel uit van het groter geheel natuurlijk.” 
Muziekacts die de tand des tijds doorstaan danken deze duurzaamheid vaak aan het feit dat zij zichzelf blijven vernieuwen. FE vormt hierop geen uitzondering. Over hun vier albums heeft hun sound zich geëvolueerd en hebben zij zich gepresenteerd als het schoolvoorbeeld van een vooruitstrevende act. Nicolay geeft uitleg over hoe hun geluid zich ontwikkelt: “We zeggen altijd dat we het bewust doen, maar stiekem gaat het vanzelf. Ik denk dat we elkaar wel pushen. Het is heel belangrijk voor ons is dat we onszelf niet herhalen. We zien daarin namelijk geen nut. Dus het moet altijd iets zijn dat we of nog nooit gedaan hebben of iets dat we gedaan hebben, maar dan beter doen.” Vervolgens vat de producer heel treffend samen wat de basis vormt van de samenwerking met Phonté: “Ik denk dat één van de pilaren waar The Foreign Exchange echt op rust het feit is dat we experimenteren en niet bang zijn om elementen toe te voegen die heel ver weg lijken. Ik denk dat we altijd op zoek zijn naar iets dat misschien raar klinkt op papier, maar toch werkt in de muziek voor ons.”

Liefde
Het is opvallend te noemen dat liefde en relaties terugkerende thema’s zijn in de muziek. Waar ze op Connected vooral de liefde lijken te vieren, daar lijkt vooral de pijnlijke kant ervan de klok te slaan op Leave It All Behind en Authenticity. De turbulentie lijkt pas bij hun laatste plaat Love In Flying Colors te verminderen. Hierover onthult Nicolay het volgende: “Het is allemaal ook heel turbulent. Het is allemaal ook echt gebeurd. Het is Phonté niet altijd direct overkomen. Maar alles wat hij zegt heeft hij zelf meegemaakt of heeft hij mensen zien meemaken. Authenticity, en vooral zijn eigen album Charity Starts At Home, waren gebouwd op zijn scheiding. Het is dus niet allemaal autobiografisch, maar hij neemt het wel allemaal mee en ik denk dat het daarom een terugkerend thema is.”
Zo net voor het eind van het gesprek wijken we voor even van het pad af. The Foreign Exchange, en specifiek Nicolay, moeten even bedankt worden door de interviewer. Het is namelijk zo dat de platen Here en Connected er bijna eigenhandig voor hebben gezorgd dat het HIJS-redactielid zijn vrouw heeft kunnen veroveren. Vooral laatstgenoemde album speelde daarin een speciale rol. Dit zijstapje zorgt ervoor dat de rollen binnen het interview voor een ogenblik omdraaien.

Nicolay: “Serieus!? Kijk! Te gek! Maar hoe en wat precies in detail?”
Gerson: “We hadden veel contact via het internet en zij heeft een hele toffe muzieksmaak. Ze houdt ook van hiphop, dus ik stuurde haar toentertijd veel nieuwe dingen, waaronder Little Brother en FE. Maar Connected en Here zijn dus echt onze joints.”
Nicolay: “Wat gaaf joh! Dat betekent ook weer heel veel voor mij moet ik heel eerlijk zeggen. Met name van Here, want dat is echt een dark horse in de catalogus. Maar jullie zijn nog steeds samen?”
Gerson: “Nog steeds samen, nog steeds getrouwd. Ze weet ook dat ik jou nu interview.”
Nicolay: “There it is! Geweldig man! Dat is The Foreign Exchange bringing people together. Match.com, hahaha.”

Waardering
In de VS is The Foreign Exchange zeer succesvol. Dit is in contrast met de hoeveelheid exposure die zij krijgen in Nederland. Wat raar is gezien het feit dat we in dit land dol zijn op landgenoten die in het buitenland succes genieten. Hierover is Nicolay kristalhelder: “De waardering is er bij de mensen zelf, zeg maar. De waardering is er niet echt bij media, radio of tv. Of dingen als 3VOOR12, die besteden geen aandacht aan ons.” Natuurlijk heeft Hiphop In Je Smoel in de begindagen van The Foreign Exchange al zijn waardering voor de act laten zien. HIJS heeft dan ook een speciale plek in Nicolay’s hart: “Hiphop In Je Smoel wel! Altijd gedaan ook trouwens! Eén van de eerste interviews die ik heb gedaan was voor HIJS in 2004. Ook State Magazine en Radio 6 Angelique hebben ons altijd gesteund. Er zijn dus wel key figures die ons echt pushen, maar De Volkskrant komt hier vanavond niet om een recensie over de show te schrijven. Wat jammer is, want als ze het zouden zien dan zouden ze weten dat we op dit moment de beste band ter wereld zijn en dat geloof ik echt. Even zonder valse bescheidenheid en zonder arrogantie, maar daar ben ik echt van overtuigd.” Deze oprechte zelfverzekerdheid lost Nicolay vervolgens af met gezonde relativeringsvermogen en nederigheid: “Dus het is weleens frustrerend op dat gebied, maar de mensen zoals jij en op social media zijn er wel en dat vind ik eigenlijk nog veel belangrijker. Je kan het ook niet overal krijgen. Ik heb een prachtige basis opgebouwd in Amerika en er zijn mensen die dat nooit krijgen te doen in hun leven.” Zoals dat bij rasartiesten gebeurt zet hij het feit, dat de officiële waardering uit zijn geboorteland in gebreke blijft, om in motivatie en spreekt hij zijn volgende doel uit: “Maar er zijn hier nog mensen die nog niet weten wie we zijn en dat betekent eigenlijk dat we nog een hoop werk te doen hebben. We moeten nog een jaar of tien door gaan. Nog vier of vijf albums. Het moment komt vast wel en dan staan we opeens in Ziggo. Je weet het niet.”

Meer Interviews