Wie in Rotterdam wel eens van Blijdorp naar Overschie fietst kent ongetwijfeld het Paadje van Duizend Treê. En mocht je die route onlangs nog afgelegd hebben, dan is je waarschijnlijk al opgevallen dat dit pad het nieuwste Rewriters kunstwerk herbergt. Tientallen betonnen pilaren hebben de verkeersader die het pad doorkruisen altijd al boven de fietsroute uitgetild, maar zijn door Saïd Kinos getransformeerd tot één groot kunstwerk. Een werk dat bovendien perfect aansluit op de filosofie achter zijn nieuwste expositie, die vrijdag in de galerie van Sober Collective in Rotterdam geopend wordt.

 

“De hogesnelheidslijn loopt er doorheen, er loopt natuurlijk een fietspad doorheen, het ligt naast de snelweg en het gewone treinspoor loopt er parallel aan. Er is overal beweging”, vertelt Kinos. “Terwijl het eigenlijk best een dooie plek was. Het viel niet op, was helemaal onder getagd. Dus het idee was om die plek wat meer onder de aandacht te brengen, en het wat aangenamer te maken om er doorheen te fietsen.”

Met beweging als uitgangspunt maakte hij een ontwerp vol met zwart-witte patronen. Dichterbij bekeken blijken ze zich alleen helemaal niet te herhalen, en is er op elke hoek een ander fragment te zijn. Ook zijn er in sommige delen letters verwerkt, die vanuit één hoek ineens hun betekenis onthullen: “Het woord ‘FORWARD’ is alleen te lezen op het punt vlak voordat je het tunneltje in fietst. Afhankelijk van hoe snel je fietst, is het maar een fractie van een seconde te zien. Op die manier heb ik geprobeerd het bewegen van de aanschouwer een rol te laten spelen.”

Hij vergelijkt het met de film Fight Club, waarin Brad Pitt’s karakter Tyler Durden voor zijn introductie in het plot al een paar keer te zien is, al zijn het maar tienden van seconden waarin zijn beeltenis tussen de rest beelden in de film door gesneden is. “Zodat mensen, als ze er snel doorheen fietsen en het opmerken, dan alsnog denken ‘Hé, wat was het nou?’”

Het is één van de vele voorbeeld van de sterke typografie, en creatieve toepassing daarvan, in het werk van Saïd Kinos. Maar ondanks die affectie voor letters, vindt hij helemaal niet dat zijn werk per sé te lezen hoeft te zijn. “Het is eigenlijk de bedoeling dat het niet leesbaar is, door een bepaalde visuele overkill te creëren. Wat je vaak ziet in mijn werk, is dat het heel gefragmenteerd is. Dat is eigenlijk een metafoor voor de hoeveelheid informatie die we tegenwoordig te zien krijgen en moeten verwerken op dagelijkse basis. Ik ben van mening dat door de hoeveelheid, er eigenlijk weinig van waarde overblijft. Als je de hele dag door je Facebookfeed aan het scrollen bent, en je wordt daarna gevraagd ‘Wat heb je nou eigenlijk gezien?’, dan is er waarschijnlijk heel weinig dat je er nog van bijgebleven is.”

“Doordat je heel erg geneigd bent om te liken wat je leuk vindt -dat is natuurlijk het hele principe- creëer je een soort van ‘echo chamber’. Daardoor kom je minder snel buiten de gebaande paden van je eigen denkbeelden. Ik denk dat dat best gevaarlijk is.” Zijn eigen denkbeelden wil hij dan ook niet dicteren aan mensen, hij wil hen vooral motiveren even stil laten staan bij wat ze zélf waardevol vinden. “Voor iedereen is hetgeen dat waardevol is, natuurlijk ook iets anders.” Even denkt hij na. “Misschien gebruik ik daarom ook in bepaalde composities die patronen. Die probeer ik zoveel mogelijk te veranderen, want voor iedereen is het patroon van wat hij of zij wil zien weer iets anders.”

Kinos praat snel, maar zeer gedecideerd wanneer hij zijn ideeën ontvouwt. Alsof er duizenden gedachtes tegelijk door zijn hoofd tollen, waar hij op focust door ze zo snel en scherp mogelijk onder woorden te brengen. De drukte waar hij momenteel mee te maken heeft speelt ongetwijfeld ook mee, want hij zit midden in de laatste voorbereidingen voor een expositie die vrijdag 17 november (morgen!) al geopend wordt. De grote en maatschappelijk relevante thema’s die terug te vinden zijn in de fietsroute die hij onder handen nam, zijn ook de drijvende kracht daarachter. De vraag of kunst altijd een betekenis moet hebben, beantwoordt hij daarentegen met een vastbesloten “Nee, absoluut niet”.

“Het is het algemene denkbeeld van waar ik mee bezig ben, waar ik mezelf ook op betrap en wat ik doorvertalen kan in mijn werk. Maar dat gezegd hebbende, het doel is altijd gewoon om iets moois te maken. Iets wat er esthetisch gewoon goed uitziet en waar mensen naar kijken en het daarom kunnen waarderen. Dat is de primaire doelstelling. Vooral van kunst in de openbare ruimte. Zo’n tunnel met pilaren, mensen fietsten daar in vier seconden doorheen en dan is het weer weg. Met dat soort plekken is het doel vooral iets maken waarvan mensen zeggen ‘Oh, dat is tof.’”

Die doelstelling komt aardig overeen met die van zijn graffiti-roots, waar ook zijn liefde voor typografie vandaan komt. “Op de middelbare school ben ik begonnen met graffiti. Vrij laat eigenlijk, ik was 19. Nu precies tien jaar geleden. Na de middelbare school ben ik journalistiek gaan studeren, maar toen heb ik ook veel graff gedaan, en door het graffiti doen heb ik eigenlijk besloten met journalistiek te stoppen en naar de kunstacademie te gaan. De combinatie van grafisch ontwerp studeren en graffiti, daaruit is een passie voor typografie ontstaan. In de tussentijd is mijn smaak daarin wel heel erg veranderd, maar ik houd nog steeds van letters.”

Waar die verandering zich vooral in uit, is in zijn waardering voor minimaler, functioneel design: “Ik ben wel fan van Helvetica, en toen ik begon op de academie trok ik die heel slecht. Het was nietszeggend, en ik vond dat letters mooi moesten zijn, ik hield heel erg van script-letters. Maar een letter als Helvetica, die is zo neutraal als ik weet niet wat. Die kun je overal voor gebruiken. Als je kijkt naar bijvoorbeeld straatnaambordjes, die zijn opgemaakt zodat ze zo min mogelijk opvallen qua uitstraling. Het moet leesbaar zijn, en dat is het. Dat is het ook het teken van een goede letter, als het dat kan.”

Welke letters hij uiteindelijk ook kiest in zijn werk, iets unieks maakt hij er sowieso van. “Ik pak vaak bestaande letters, en die vervorm ik op een analoge manier. Ik print ze uit en dan vervorm ik ze onder de scanner. Of ik verknip ze, waardoor ze eigenlijk niet meer herkenbaar zijn als letters, maar je bepaalde karakteristieke eigenschappen overhoudt.”

Minimalistisch is het niet te noemen, maar vorm en functie vallen bij het Paadje van duizend Treê wel mooi samen. Waar de meeste artiesten liever met het canvas van een grote muur aan de slag gaan, blijkt de georganiseerde chaos van Saïd Kinos juist uitzonderlijk goed op de serie pilaren te passen.

“Dit is nu, denk ik, de laatste reeks werken die in dit thema gemaakt wordt” zegt hij over de pilaren en zijn aankomende expositie. “Hierna moet ik kijken wat een logische overvloeiing is van het ene thema naar het andere. Iets dat ik esthetisch aan elkaar kan koppelen. Ik ga niet ineens realistische portretten tekenen of zo. Ik moet er nog over nadenken, maar voor nu is het dit.”

De expositie Momentum wordt morgen (vrijdag 17 november) geopend en is te zien in Sober Collective aan de Zaagmolendrift 53 te Rotterdam.

Meer Interviews, Rewriters