2017 is het jaar dat Rewriters de wijken intrekt, met als eerste stop Crooswijk. Daar worden diverse werken gerealiseerd. Voor de locatie aan de Pijperstraat, kan door de bewoners gestemd worden op maar liefst drie verschillende ontwerpen. Kunstenaars Mr. June, Telmo Miel en Ozon hebben hiervoor elk een schets gemaakt. In aanloop naar de stemperiode en het onthullen van deze ontwerpen, stellen we de kunstenaars aan jullie voor.

Lopend door de werkplaats van Onno Poiesz, alias Ozon, kom je al snel ogen tekort. In de metershoge ruimte valt het flauwe ochtendlicht door de ruimen bovenin binnen, terwijl achterin een aantal opgeborgen vliegtuigen in allerlei maten tot grote hoogten reikt. Ze hebben de uitstraling van een speelgoedvliegtuig, maar hun formaat is groot genoeg om een fors bureau volledig mee te bedekken. Onder de ruimen staat een werkbank, geflankeerd door een cilindervormige industriële bakoven. “Jammer, hij kan nog niet open”, zegt Ozon na een blik op het gevaarte, afgesloten met een zware steen. Binnenin wacht een nieuwe keramieken creatie geduldig op zijn geboorte.


Stacked Airplanes XL, Nestruimte, Den Haag. Foto door Jhoeko.

Dat is namelijk het medium waarin Poiesz het meeste werkt, keramiek. “Ik ben eigenlijk een ambachtelijke kunstenaar”, vertelt hij. Zijn inspiratie haalt hij daarvoor vaak uit allerlei alledaagse voorwerpen, bijvoorbeeld “een onderdeel van een kerstbal of een ijsblokjesmaker.” Daar haalt hij interessante vormen uit die hij opblaast, doorzaagt of vermenigvuldigt, om uiteindelijk uit te komen bij wat hij “functieloos design” noemt. “Ik moet dat dan weer zo nodig omzetten in keramiek, of in brons. Daar maak je het jezelf wel een beetje moeilijk mee, want de snelheid gaat eruit. Het zijn elke keer weer investeringen, maar op de een of andere manier kan ik dat nog niet loslaten.” Werken in keramiek kost niet alleen veel tijd, ontwerpen kunnen ook breken, door een ongeluk tijdens het transport of het maken ervan. Werken in plastic of giethars zou veel praktischer zijn, “Maar dan mis ik die prikkeling. Dan denk ik toch, ‘dit zou echt fantastisch zijn in keramiek’.”


‘If Paradise Is Half As Nice’ #6 in het Polygraph gebouw in Leipzig

Op zijn werkbank ligt momenteel een blok van uitgezaagde boomwortels. Dat kluwen hout dient als inspiratie voor een aantal keramieken objecten, die op eenzelfde manier met elkaar verwrongen moeten worden. “Ik probeer dat boomachtige eraf te krijgen en veel meer die contouren te volgen”, legt hij uit, “waardoor het weer een soort rare constructie, een onduidelijke vorm wordt. (…) Terwijl ik het ook enorm belangrijk vind dat het nog steeds de wortels zijn. Daardoor komt een extra laag in zo’n werk. Een verhalende laag.”

Door de vorm van de boomwortels in keramiek te vangen, wordt iets levends vertaald naar een versteend object. “Ik vind het heel interessant als ik tegenstrijdige dingen maak”, zegt hij. “Helemaal als dat een moderne, liefst een beetje straat-achtige beeldtaal heeft. Dan vind ik dat heel fijn om te zien.” Op diezelfde manier versteent hij ook diverse moderne wegwerpartikelen, of details daarvan. Als kind wilde hij graag archeoloog worden, nu fossiliseert hij eigenhandig ons bestaan voor toekomstige generaties.


Ozon’s ontwerp voor de Pijperstraat in Crooswijk.

Dat betekent niet dat hij zijn werk als graffiti-artiest gedag heeft gezegd. Hoewel hij nu beeldhouwer is, was schilderen zijn introductie in de kunstwereld, wat op zijn beurt weer voortkwam uit een affiniteit voor de hiphopcultuur. “Het kwam vooral door breakdance, dat vond ik heel leuk als kind” vertelt hij daarover. “Ik had een heel mooi boek, dat legde uit hoe je bepaalde bewegingen maakte en zo. Graffiti kwam daar ook in voor.” Als jonge graffiti-artiest besloot hij naar de kunstacademie te gaan, en gedurende zijn opleiding begon hij steeds meer affiniteit te krijgen voor het werken als beeldhouwer. “Toen kwamen er opdrachten binnen. 3D, openbare opdrachten, zodoende ben ik daarmee doorgegaan.”

“Maar na een tijd dacht ik toch dat het zonde was, want ik had zoveel plezier beleefd aan muren. Langzamerhand ontstond er weer een soort logische reactie. Ik had een paar werken gemaakt op een residentie, en ik dacht ‘dit leent zich uitstekend om van 3D weer naar 2D te maken.’” Als schilder is in zijn werk dan ook nog altijd de echo van graffiti te zien. “Ik werk in een soort vormentaal als beeldhouwer die schildert, en ik vind dat daar een beetje een grote, ruige beweging bij hoort. (…) Met vlakken, dat het veel meer een suggestie van vorm is dan dat je er dingen in kan herkennen.”

“Die straat daar mag gewoon wat — vooral omdat het in een steegje zit, kleur krijgen. Een goede knalkleur.”

Het ontwerp voor de steeg in Crooswijk die hij graag onder handen wil nemen is daar ook een voorbeeld van. Hij maakte van klei een sliert in elkaar vervlochten kleuren, die hij inclusief de structuur daarvan op de muur na wil schilderen. “Het komt vooral vanuit de gedachte dat er in die straat al een kunstwerk is verwerkt, die kleine tegeltjes aan de gevels. Dat zijn zwart-wit-mensfiguurtjes, en die straat daar mag gewoon wat — vooral omdat het in een steegje zit, kleur krijgen. Een goede knalkleur. Ik heb het True Colors genoemd omdat het het mixen van kleuren, van de verschillende culturen in Rotterdam benadrukt.”

Net als de rest van zijn schilderingen is het ontwerp op een losse, freestylende manier tot stand gekomen, geïnformeerd door zijn gevoel en de plek waar het werk moet komen. “Dat dwangmatige ergens op willen laten lijken, dat ik ’t moet sturen tot ’t einde, nee, dat…” Hij aarzelt even, om te besluiten dat die onverwachte momenten waarop hij stuit op een “vormentaal die ontstaat, of er al is”, juist hele proces de moeite waard maken. “Een goede vondst doen, dat is onbeschrijflijk.”

Uiteindelijk is Onno ‘Ozon’ Poiesz zo toch nog een soort archeoloog geworden.

Stemmen op je favoriet van de drie werken kan nog tot zondag 23 april.

Meer Interviews, Rewriters, Rotterdam