Zijn naam borrelt al jaren in diverse lagen van de Amerikaanse hiphopscene: Boldy James. De Detroit mc brak in 2013 door met het door Alchemist geproduceerde debuutalbum M.1.C.S (My 1 st Chemistry Set), dat verscheen bij Mass Appeal Records. Echter belandde Boldy achter tralies, en trok Nas’ platenmaatschappij de handen van hem af. Alchemist zou als poortwachter dienen en zijn naam weer naar buiten brengen. Nu is er inmiddels zijn vierde full length. En opnieuw geproduceerd door Alc, wat andermaal een perfecte combinatie tussen delikate loops en donkere raps oplevert.

Bo Jackson opent met de spooky boombap-beat van Double Hockey Sticks, en een op de Pyrex-pot gefocuste Boldy James. In het hele openingssegment horen we Boldy, nog norser en onverschilliger klinkend dan voorheen, rappen over duistere zaken. Alc’s chipmunk-soul in Turpentine leent zich perfect voor zulke mafioso-praat, terwijl Brickmile To Montana perfect in het verlengde ligt van Scrape The Bowl. Ook die track leunde op steviger drum- en baswerk, en bevatte een featuring van Benny The Butcher. Opnieuw gaan ze back-and-forth alsof ze nooit anders hebben gedaan.

Het hele album lang ligt de griezeligheid op de loer. Boldy rapt, wetend dat mensen op zijn ondergang uit zijn, op een huiverige pianoloop (E.P.M.D.), freestylet drie minuten lang (First 48) en verklaart dat niemand uit hetzelfde hout is gesneden als hij (Steel Wool). De raps hangen tegen de ritmes aan, maar worden nergens zó off-beat dat het irritant wordt.

Het is dan ook te gek om hem te horen met twee namen die precies díe stijl het afgelopen decennium hebben verheven tot kunst. Earl Sweatshirt en Roc Marciano hebben maar weinig (lees: alleen een verknipte vocal-sample) nodig om net zo lekker te klinken als de gastheer. Het moment waarop Sweatshirt invalt is exemplarisch. In het midden van de sample begint hij aan zijn couplet, om vervolgens lettergrepen te rekken en woorden trager uit te spreken zodat ze over de maat heen vallen. Marci spiegelt dat door iedere keer ruim vóór het einde van de sample klaar te zijn met zijn zinnen. Een prachtvoorbeeld van hoe drie rappers met een gelijkwaardige stijl zich alledrie dezelfde track meester weten te maken.

Alchemist houdt ondertussen het overzicht en levert beats die passen bij de donkere stemmen van Boldy en zijn gasten achter de microfoon. Echter toont hij wel zijn veelzijdigheid; de ene keer klinken er onheilspellende geluiden, en een andere keer leent hij wat gitaren uit de progressieve rock. Ook heeft hij een hand in de featurings. Voor géén van de rappers is het de eerste keer dat er een Alc-beat getackled moet worden. Klinkt dat vertrouwd? Ja. Maar voorspelbaar allerminst. Hoe Freddie Gibbs beweert dat Michael Jackson niet dood is maar gewoon leeft in Gibbs’ gastenverblijf is ronduit komisch. Ook Boldy zelf heeft genoeg van zulke momenten op Bo Jackson, waardoor het niet zwartgallig wordt.

“James rapt directer dan ooit en schakelt van dreigementen via hoogmoed naar spijt.”

Na een periode van stilte – naast de gevangenisstraf ook een paar mixtapes die bij velen onder de radar doorvlogen – lijkt rap’s best bewaarde geheim ineens een van de meest productieve. Na een kalenderjaar met de releases van The Price Of Tea In China, The Versace Tape, Manger On McNichols en Real Bad Boldy gaat Boldy James nog verder het duister in, terwijl Alchemist hem juist bredere beats aanbiedt. Een contrast dat op het perfecte moment komt. James rapt directer dan ooit en schakelt van dreigementen via hoogmoed naar spijt. Bo Jackson is een destructieve en verslavende draaikolk, die je meezuigt naar een andere wereld. En het lijkt erop dat we daar nu zo’n 2% van kennen.

Boldy knows rap. Alc knows beats. Stream het album hieronder:

Meer Releases, Reviews