Hij is dé vaandeldrager van de Belgische hiphop en is komend seizoen op diverse plekken in Nederland te zien. Wie zijn wij om dan ook niet eens af te reizen naar zijn stad? We bezoeken Zwangere Guy alias Gorik van Oudheusden in Brussel, om de welbekende vraag te beantwoorden: Wie Is Guy? Wat volgt is een gesprek over hiphop, verboden clips en het beste restaurant van de stad. Je kunt het nu lezen én integraal kunt beluisteren in de eerste aflevering van het nieuwe seizoen van de HIJStakkies-podcast! G-G-Guy Unit!

Zijn balkon biedt een prachtige blik op het Brusselse paleis van justitie, die van hem op een speelse middelvinger kunnen rekenen. Er vlak langs ligt de skyline van Molenbeek, waar hij opgroeide. “Zo kan ik in het nu kijken naar mijn verleden. Dat voelt fijn.” Hij woont precies op de grens van de oude rosse buurt van de stad en de wijk waar de duurste winkels en huizen te vinden zijn. De grootste wand in de huiskamer is vrijwel in zijn geheel afgedekt met platenkasten. Daarin huist een vinylcollectie die menig hiphopliefhebber zal doen watertanden. Guy staat tijdens het gesprek meer dan eens op om er in zijn enthousiasme een plaat tussenuit te trekken (van het Franse duo Lunatic bijvoorbeeld). Niet heel praktisch als je een podcast aan het opnemen bent, wel zeer huiselijk en gezellig.

Dat hij een liefhebber pur sang is, mag duidelijk zijn. Het klinkt wellicht als platgetreden cliché, maar voor Guy is hiphop echt een levensstijl. Hij weet naar eigen zeggen niets van de wereld, behalve van hiphop, al nuanceert hij dat toch enigszins. “Ik weet wel een beetje van alles, maar ik interesseer me voor niks dan alleen hiphop. En muziek.” Even pauzeert hij, om er toch nog één ding aan toe te voegen: “En eten, goed eten.”

“Als ik zie wat er in Nederland uitkomt, vind ik veel bullshit.”

“Novo Rosso, beste Italiaan van ’t stad”, hoorden we hem al zeggen op het album dat onlangs via Top Notch verscheen, en zijn band met het etablissement is een sterke. De chef maakt er zelfs een speciaal gerecht alléén voor hem. Zijn culinaire liefde neemt hij dan ook vrijwel net zo serieus als die voor zijn eigen ambacht. Guy schrijft elke dag. Staand, zodat hij het beter kan voelen. “Ik ben van origine bouwvakker, metselaar en dakwerker. Nu is het muziek, maar ik ben gewend tien uur per dag te werken, dus ik kan niet stilzitten. Ik schrijf niet liggend of zittend, ik moet altijd recht staan.”

Amerikaanse, Franse en Belgische hiphop deden de liefde bij hem aanwakkeren, Nederlandse rap hobbelde er in eerste instantie wat achteraan. “Er wordt altijd nog een beetje neergekeken op Belgische hiphopscene in Nederland”, zo is zijn ervaring. “In het begin interesseerde Nederland mij niet echt. Als ik zie wat er in Nederland uitkomt, vind ik veel bullshit.”

Juist zijn compromisloze houding ten opzichte van de in Nederland geldende trends, maakt dat hij zich nu voorbereiden kan op een drukke festivalzomer. Tijdens de laatste editie van WOO HAH! viel hij al positief op met een eigen sound. Gruizig en jazzy, alsof Queensbridge op loopafstand van de Brusselse Marollen ligt. Koppel er zijn ervaren, soepele flow en vloeiende Brusselse tongval aan, en een stijl waar weinigen in het Nederlands taalgebied zich mee kunnen meten is geboren.

Die stijl is niet uit de lucht komen vallen. Als lid van de Brusselse formatie Stikstof draaide Guy al jaren mee in de Belgische hiphopscene. Vorig jaar bracht de groep nog het goed ontvangen album Overlast uit, maar zag ook zijn eerste wapenfeit als solo-artiest het licht: Zwangerschapsverlof Vol.3. “Het was een experiment; ik vond Stikstof zó serieus, zo op de maatschappij altijd. Kakken op de politiek.” Hij houdt ervan hoe de groep Brussel represent, maar zocht een andere stijl daarvoor: “Ik houd ook wel van een beetje losser.”

Op het eindresultaat kijkt hij met gemengde gevoelens terug. “Bij die plaat rijm ik om te rijmen, een beetje. Dat vond ik niet echt sterk. Als ge ernaar luistert, komt ge mij niet tegen, leert ge er niks uit.” Dat kan moeilijk gezegd worden van zijn onlangs verschenen album Wie Is Guy? Daarin horen we diverse kanten van hem terugkomen, van de levensgenieter tot de hiphopliefhebber, tot de onverwerkte trauma’s die in Beter Leven en het ijzingwekkende Gorik Pt. 1 naar voren komen. Maar ook een titeltrack waarin hij met kille raps afrekent met alle vooroordelen over zichzelf.

Dat laatste nummer leverde ook een spraakmakende videoclip op, die bijna niet verschenen was. “Mijn laatste clip wilde Top Notch niet delen. Pussies! Te hardcore, waardoor het hele Top Notch-kanaal er een maand door stilgelegd had kunnen worden. Dat had ik wel tof gevonden. Dé promo voor Top Notch én Guy!” Hij zegt het met een lach, maar het mag wel als tekenend gezien worden voor een man die niet in de pas loopt.

“Ik probeer echt iets anders te doen dan al de rest van die fockers”, zegt de trotse Brusselaar. “Iedereen maakt kopieën van elkaar. Ik denk dat wat wij hebben gemaakt nog niet is uitgebracht.” Dat geldt ook voor de persoonlijke lading die hij vaak in zijn teksten stopt, en het belang dat hij eraan hecht dat deze uniek zijn. Hij hint op zijn album terloops naar een verleden als drugsdealer, maar kiest er bewust voor daar geen focus op te leggen. “Ik zou dat kunnen doen, maar dan loop ik mee”, is de eenvoudige uitleg. “Het mag eens gebeuren, maar elk lied? Nee.”

Guy neemt zijn vak simpelweg te serieus om op de automatische piloot nummers te maken; zijn liefde ervoor gaat te diep om er niet alles wat hij kan in te leggen. Het succes ervan is daarbij van ondergeschikt belang, zoveel blijkt ook wanneer hij de tegenvallende views van zijn controversiële clip als onderwerp aansnijdt. “Mensen luisteren naar mijn muziek, maar ze kijken niet. Clips hebben bij mij geen effect”, constateert hij.

“Liever tien goede fans dicht bij me, die zeggen ‘gij zijt zot!’, dan 100 die zeggen ‘oh ja, ça va’.”

Hij zal ze blijven produceren, omdat ze voor hem deel van het creatieve proces uitmaken. Door hoeveel mensen het gezien wordt is voor hem dan ook van ondergeschikt belang aan hóe het ontvangen wordt. “Ook al is het maar voor een kleine kern; dat zijn nog altijd de die-hards”, zegt Guy. “Het is gelijk een goed café; dat heeft maar vier alcoholiekers nodig om de kost te verdienen, de rest is bijzaak. Liever tien goede fans dicht bij me, die zeggen ‘gij zijt zot!’, dan 100 die zeggen ‘oh ja, ça va’.”

Hij haalt zijn schouders op bij die laatste opmerking, de onverschillige houding spelend van een laconieke liefhebber. “Als ik veel energie krijg van mensen die tijdens een show lyrics meeroepen, dat is nog altijd één van de mooiste zaken die ik terugkrijg.”

Het levende bewijs van die stelling maken we een week later mee, als de ZG in de Melkweg staat. De kleinere bovenzaal nog, maar wie ziet hoe hij die volledig in beweging krijgt, weet dat deze bol van sfeer staat. Als hij in een donkere zaal met twee spots op hem gericht Gorik Pt.1 rapt, kan men een speld horen vallen. Als hij bangers als R.À.F. (Rien à Foutre) laat horen, ontstaat er een vol overgave kolkende chaos.

Het is de combinatie van zijn ongedwongen flow en charmant compromisloze houding die Guy maken tot wie hij is op het podium. Een herhaaldelijk roepen van een enkeling uit het publiek om het nummer Santo, wimpelt hij speels af (“Salto? Nee, dan breek ik mijn rug!”). Als diegene na enkele tracks blijkt toch niet op te willen geven, haalt hij een biertje uit de coulissen. Met een lach biedt hij het de fan aan: “Hier, een pintje. Dan houdt ge uw muil. Ik haat dat lied, dat speel ik nooit.”

Wat hij wel doet, is zijn publiek alle energie geven om voluit te gaan. Na U Ma Is U Pa, de slottrack van zijn album waarop hij zijn stem tot kotsen toe kapot schreeuwde, wordt zijn publiek nog op één track getrakteerd op het komische intermezzo Zwangere Guy Is Zo Haai, en dan is het echt gedaan. Een shout out naar iedereen die hem hielp, en een welverdiende overwinningsroes met klinkende waarschuwing vormen de finale: “Nederland, ik kom eraan! Fok alle rappers die bullshit maken, ze kunnen m’n twee ballen kussen.”

Gelezen en ook het hele gesprek horen (over onder meer Griselda, de Red Bull Music Studios in Amsterdam, zijn connectie met $KEER & BOO$ en zijn uitverkochte shows in AB)? Here you go!

Meer Interviews