Terwijl Fresku zit te plukken aan de buffelmozzarella in zijn salade trekt Mocromaniac een vies gezicht. “Dit is buffelcum” grapt Frisse, waarna Mani helemaal zeker weet dat hij de juiste keus heeft gemaakt met zijn kaastosti. Maar ze komen niet enkel voor de lunch, ze zijn hier om te pruimen over hun gezamenlijke album Juice. Een samenwerking die voor de hand lag bij deze vrienden en collega’s. Shooting the shit met z’n tweeën en reageren op elkaars spitsvondigheden, het komt van nature bij hen. “Als wij chillen, heeft hij om het half uur ergens een woordgrap over”, vertelt Fresku, waarop zijn kompaan een enthousiast “Hij ook!” uitroept, “Daarom voelen we elkaar op die manier. Een woord linkt met iets en het is net alsof je een pop-up krijgt.”

Hun spraakmakende single ontstond ook op die manier, legt Mani uit. “Witlof was de enige [track] die als concept vastlag”, legt uit. De aanleiding was een optreden van het duo bij De Wereld Draait Door, waarbij Matthijs van Nieuwkerk zich nogal paternaliserend opstelde naar Mocromaniac. “Is hij je favoriete rapper?” zei hij vol verbazing tegen Fresku, waarna hij Mani —waarmee hij geen woord wisselde— een klopje op zijn hoofd gaf. Het liet een vieze smaak achter bij Mani, die dat uiteindelijk weg wist te wassen door tijdens het napraten met de woordspeling Witlof (als in “with love”, en natuurlijk, lof/love van de witte meerderheid) op de proppen te komen.

“We hadden alleen dat woord: witlof. Verder nog niks, geen beat; dat concept gaan we killen, dachten we.” Dat was ruim een half jaar voor de opnames van Juice begonnen, vertelt hij. “We hadden een weekje in Landal. Een weekje met sauna’s. We hebben die sauna niet eens gezien, bro. We waren gewoon aan het werk. Het was een mooi huisje, maar we waren op een studioding.” In dat vakantiehuis werd de basis voor het album gelegd, in elf dagen tijd werden er elf tracks opgenomen, iedere dag één.

“Als je zo’n doorgewinterde vechter bent, maakt het niet uit tegenover wie je iemand zet. Hij springt erin en hij bokst je ertegenaan.”

Met een partij beats trokken zij het vakantiehuisje in, met het idee elke beat zo hard mogelijk te tacklen, puur om de sport van het rappen. “Het was niet zo dat we met een producer zaten die kon doen wat we wilden, wij moesten ons aanpassen aan de beats die er waren” legt Mocromaniac uit. “Het kon op alle manieren klinken, de computer heeft het eigenlijk bepaald. Dan wordt je als rapper ook uitgedaagd om die beat te killen.”
“Het was ook heel leerzaam voor mij om met Mani te werken”, reageert Fresku. “Mani is die guy —de beste manier om het te omschrijven is, als je zo’n doorgewinterde vechter bent, maakt het niet uit tegenover wie je iemand zet. Hij springt erin en hij bokst je ertegenaan. Zo ging hij met beats om. Ik moest mijn tempo daarop aanpassen. Deze guy, hij vangt de beat meteen en doet er direct iets mee. Hij is altijd de eerste die iets heeft.”

Mocromaniac benadrukt hun verschillende schrijfstijlen: “Fresku maakt echt een puzzel, en boem, zijn verhaal loopt van a naar z, waar ik misschien meer highlights gebruik. Geen geheel verhaal.” “Ja, maar het is wel effectief”, vult Frisse aan. “Één zin van hem vat misschien heel het verhaal samen waar ik zestien zinnen voor nodig heb.”
“Dat is hoe ik het mezelf heb aangeleerd”, relativeert Mani. “Het is moeilijk voor hem om mijn stijl te volgen, maar het is ook moeilijk voor mij om zijn stijl te gebruiken.”

Ondanks de losse aanpak van Juice, rolde er met Witlof toch weer een conceptueel sterke en spraakmakende track uit. “Ik zag laatst een comment op Witlof: ‘die track gaat over hoe stom witte mensen zijn’”, zegt Fresku. “Dan denk ik ‘Hè? Dan heb je echt een andere track geluisterd.’”
Zowel Fresku als Mocromaniac benadrukken dat zij al lang niet meer voor de acceptatie van een overwegend blank publiek hoeven te vechten, beiden vangen ze vanaf het begin van huh carrière de ‘Witlof’ al.
“Toen we met Hydroboyz voor het eerst shows gingen doen en buiten de Bijlmer kwamen, waren er alleen blanken”, vertelt Mani over zijn beginjaren als rapper. “En dan gingen we shows doen in Amsterdam in de Melkweg, en daar waren de hood niggas, en dan zag je juist dat er geen love was. De love was er bij een blank publiek. Dus witlof heb ik al gehad, maar alleen jeugd witlof, niet van volwassenen.”

En daarin zit hem de crux. De jongere generatie is volgens hen minder behept met vooroordelen, en stapt veel makkelijker buiten de kaders van de eigen achtergrond. “Er is niks mooier dan dat over een paar jaar, Surinaamse, Antilliaanse, Marrokkaanse woorden via straattaal, via hiphop, in de Nederlandse taal komen, en op een gegeven moment gewoon Nederlands worden”, aldus Fresku. “Dat zegt iets over het Nederland waar ik in geloof.” “Mensen zijn bang voor verandering”, zegt Mani. “Geert Wilders ook. Er komt altijd een nieuwe generatie waardoor dingen veranderen. Iedere 120 jaar verandert shit. Dat is overal zo. Soms moet je je oude manieren losalten en nieuwe manieren omarmen.” Fresku vult aan: “De mensen die nu klagen over allochtonen, zijn dezelfde mensen die dat destijds als hippie deden over oudere mensen die te dogmatisch waren.”
“Geschiedenis herhaalt zich” besluit Mani.

“Mensen moeten dankbaar zijn voor het feit dat er nog rappers zijn, die deze lessen proberen te leren aan mensen”

“Eigenlijk, en dit klinkt heel arrogant,” zegt Fresku bedachtzaam, “maar mensen moeten dankbaar zijn voor het feit dat er nog rappers zijn, die deze lessen proberen te leren aan mensen. Omdat deze generatie niet meer is op handje uithouden, vragen of bewijzen. Ik kan ook doen wat iedereen doet in deze generatie en zeggen ‘he oude grijze man, met alle respect, maar jij doet er niet toe.’ Maar ik probeer die brug te slaan.”
Hij voelt dan ook als een verantwoordelijkheid om de maatschappelijke positie dij hij heeft te gebruiken om dingen bespreekbaar te maken. “In Witlof zit helemaal niet zoiets van ‘jullie doen het verkeerd’, dat zit er niet in. Het is, ‘jullie weten blijkbaar niet dat dit een thema is, dat dit speelt’, dus ik gooi het effe op je. Kijk maar wat je ermee doet.” Hij neemt een korte pauze en besluit “Er komt een moment in de geschiedenis, dat je terug gaat kijken en denkt ‘fuck, had ik toen maar geluisterd.’”

Ondanks de lof die beide rappers hebben voor de jongere generatie, staat er op Juice ook de track Fraude, die op komische toon ageert tegen veel moderne rapclichés. “De track is ontstaan uit het idee dat iedereen hetzelfde doet tegenwoordig” legt Mani uit. “Er is een grondlegger, die heeft iets bedacht, en honderd doen het na. Ze moeten wel fraude zijn, omdat ze hetzelfde klinken.”
“Ik heb dagen dat ik een verzuurde purist ben, en ik heb dagen dat ik honderd procent met de jeugd ben, en ik vind dat ik in allebei gelijk heb”, vertelt Fresku. “Er zijn rappers die al twintig jaar in de game zijn en elke keer klinken als wat nou aan is. Totale imagoverandering, en mensen nemen het gewoon omdat ze ook mee willen gaan met wat nou aan is.”

“Er is niks mis met de sportkant daarvan, ik wil ook wel op een paar trap-beats springen”, nuanceert Frisse zijn oordeel, waarop Mani beaamt dat het pas saai wordt wanneer iedereen in de game continu de trap-lord wil zijn. “Het lijkt alsof ze nu meer van makkelijke shit houden dan van rap met bars, omdat ze dat ook makkelijker kunnen oppikken” zegt hij. “Iedereen doet een beetje tough, kan een beetje dabben, en wij zijn te trots om daaraan mee te doen, omdat we weten dat we meer te bieden hebben. Wij kunnen daar ook wel eens aan meedoen, maar we zijn veelzijdig.”

“Diezelfde instituten die omver moeten, kunnen wel een kwaliteitscontrole uitvoeren. Dat is nu compleet weg.”

“In deze tijd gaat een harde track wat langer duren om gewaardeerd te worden”, denkt Mani. “Mensen moeten ‘m echt beseffen, en dat kost meer tijd dan dat een catchy hitje dat je hebt gedropt. Het is tijdelijk, die valt over twee jaar uit. Maar een echte harde raptrack, dat je de kunst erin hoort, dat kan je niet zo maar nog een keer bedenken.”

“Het mes snijdt aan twee kanten”, beseft Frisse. “De status quo mag omver. Cultuur moet constant blijven bewegen, daar sta ik helemaal achter. Maar er is ook een kant van mij, die komt uit een bepaalde hoek en schrijft vanuit een bepaalde gedachte, een bepaald ambacht en merkt dat het nooit zo free for all is geweest. Mijn buurjongen kan een mic hebben en gewoon doorbreken. Hij hoeft niet eens goed te zijn, als hij maar goed is in zijn online game. Daardoor verdwijnt de ambacht.”
Even denkt hij na. “Er is geen controle, laten we het zo zeggen. Diezelfde instituten die omver moeten, kunnen wel een kwaliteitscontrole uitvoeren. Dat is nu compleet weg.”

Toch moet Fraude ook weer niet té serieus genomen worden, blijkt ook uit de skit aan het einde, die de spot drijft met hun eigen puristische huiding. “Dat is gewoon vervelend doen in de game. Soms moet je die rapper zijn”, vat Mocromaniac de track waarop ze wacke rappers kleineren bondig samen. “Dat is de definitie van hiphop.”

Dit weekend staan Fresku en Mocromaniac op Paaspop samen met Braz, Pietju Bel, Woenzelaar en Killer Kamal. Woensel is dan letterlijk in de tent en er zal ongetwijfeld veel Juice zijn.

Meer Interviews