De Melkweg programmeert anno 2012 nog steeds structureel hiphop, iets dat weinig Nederlandse podia doen. Een kort gesprek met hiphopprogrammeur Edwin van Andel over de relatie tussen De Melkweg en hiphop.

Edwin van Andel (47) werd eind jaren 80 door het hiphopvirus besmet en draaide al een flink aantal jaren als Mad Ed in De Melkweg toen hij in 2001 werd aangenomen als programmeur. “Vanaf dat moment wilde ik minimaal maandelijks een hiphopact programmeren. Vanuit mijn eigen voorliefde voor de muziek, maar ook omdat er gewoonweg publiek voor is in Amsterdam.”

Interessante acts
Edwin hoeft nauwelijks op zoek naar geschikte acts. “Ik krijg doorlopend heel veel acts aangeboden via mijn internationale netwerk van boekers en agenten. Zo’n 90 procent van aangeboden acts is niet interessant.” Wat maakt een act dan eigenlijk interessant? “Ik moet een heel goede kans hebben om uit de kosten te komen. Bij een act als Action Bronson verwacht ik bijvoorbeeld een mannetje of 300. We kunnen hem voor een schappelijke prijs programmeren waardoor de tickets ook goed betaalbaar zijn. Dat is bij een dergelijke cult-act belangrijk.”

De Rhymesayers-tour van vorig jaar was met een prijs van 20 euro voor vijf acts zeer scherp geprijsd. Edwin prijst het inzicht van Jay Bird en Slug. “Ik werk al jaren met die mannen en ze snappen het gewoon. Hun publiek bestaat vaak uit studenten en echte liefhebbers. Dat is vaak niet het meest kapitaalkrachtige publiek, dus dan is het van belang dat je de prijs scherp maakt. Dat deden ze en we hadden een uitverkocht huis.”

Veteranen en jong talent
Veel oudere hiphopliefhebbers balen van het feit dat oude helden Nederland de laatste jaren steeds vaker overslaan. “Dat heeft alles te maken met rendabiliteit. Iemand als Lord Finesse vroeg bijvoorbeeld een bedrag dat ik niet kan terugverdienen met de kaartverkoop en baromzet. Ik schat in dat er ongeveer 150 mensen op afkomen, dat is gewoon te weinig voor De Melkweg.” Een andere veteraan, Big Daddy Kane, wilde wel onderhandelen. “Big Daddy Kane stond hier op een maandagavond voor een redelijke prijs. Als je niet de gewenste prijs kan krijgen, is het voor de artiest een simpele keuze: optreden of niet spelen en helemaal niets verdienen.”

Edwin roemt de professionaliteit van de jongste lichting hiphopartiesten. “In het verleden moest je nog wel eens wachten tot 1.30 uur ’s nachts. Ik kan me midden jaren 90 de Wu-Tang Clan hier in de Max bijvoorbeeld nog wel herinneren. Dat duurde maar en duurde maar. Jongens als Mac Miller, Odd Future en Curren$y beginnen echt prima op tijd en hebben een heel professionele houding.”

De juiste timing
Als programmeur houdt Edwin constant de vinger aan de pols. “Ik hou alles in de gaten en ga bijvoorbeeld ieder jaar naar South By Southwest in Texas, daar zie ik veel nieuwe hiphopacts.” Toch moet je soms ook een beetje geluk hebben met timing, vertelt Edwin. “Slaughterhouse hadden we bijvoorbeeld iets te vroeg, waardoor we niet uitverkochten. Kendrick Lamar is perfect getimed, die staat op 6 februari bij ons en heeft inmiddels al veel goede recensies gehad. Die verkoopt wel uit dus.”

Edwin kijkt uit naar het concert van The Pharcyde op 25 november. “Die hadden we in juli ook en dat was echt geweldig. Vijf kwartier zonder pauze met strakke begeleidingsband. De mensen die er toen waren, komen nu gewoon weer en nemen vrienden mee, schat ik in. Dus dan is het gewoon prima om ze binnen korte tijd weer te programmeren.” Als het aan Edwin ligt, blijft De Melkweg nog lang hiphop programmeren. “Zoals eerder gezegd is het toffe muziek die het verdient geprogrammeerd te worden en er is gewoon genoeg publiek voor.”

Meer Interviews