DJ Maseo (Vincent Mason), ook wel bekend als Pasemaster Mase en Plug 3, van De La Soul was onlangs in Nederland om te draaien tijdens het Birdfest in Rotterdam. Voor zijn dj-set gaf hij een interview met Andrew Makkinga in het HipHopHuis (Rotterdam) en aansluitend spraken wij hem individueel ook nog even.

Maseo is met zijn groep De La Soul actief vanaf 1987 en viert dit jaar dus zijn 25-jarige jubileum in de muziekindustrie. Iets dat hij zich totaal niet had kunnen voorstellen ten tijde van hun eerste 12 inch. “We dachten serieus dat de Plug Tunin’  12 inch onze eerste en enige release zou zijn.” Dat pakte heel anders uit. Maseo verhuisde als jonge tiener uit Brooklyn naar Amityville, Long Island, dat de naam heeft een rustige, vrij welvarende suburb van New York City te zijn. Maseo stelt dit beeld bij. “We hadden het bepaald niet breed. Mijn moeder had soms wel drie banen om rond te komen. Iedereen denkt bij Long Island gelijk aan mooie huizen met tuintjes en die zijn er ook heus wel. Maar sommige mensen daar hebben helemaal geen gras, ze hebben alleen modder!”

De La Soul en Prince Paul
Op de middelbare school raakt Maseo al snel bevriend met Kelvin Mercer (Posdnuos) en Dave Jolicoeur (Trugoy). De drie vrienden zijn als tieners in de vroege jaren 80 helemaal in de ban van hiphop. “In die tijd deed je alles. Zo was Posdnuos bijvoorbeeld ook DJ en Dave een beatboxer. We dansten ook alle drie. De hiphopelementen waren totaal niet gescheiden toen. Nu hiphop geaccepteerd en succesvol is, kiezen jongeren heel bewust voor een bepaald element, vaak rappen of produceren. Ze weten dat de mogelijkheid bestaat dat ze daar hun carrière van kunnen maken. In onze begintijd kwam een carrière niet eens in ons op."

Vlakbij Maseo in de buurt woonde de vier jaar oudere Prince Paul, die DJ/producer was van de groep Stetsasonic uit Brooklyn. Stetsasonic bracht albums uit en toerde met namen als LL Cool J en EPMD. Daarom keek de jonge Maseo enorm tegen Prince Paul op. “In mijn ogen was Paul echt mega. Ik vertelde hem al een hele tijd dat ik samenwerkte met twee andere gasten en dat we dope waren. In het begin nam hij het niet echt serieus maar na een tijdje wilde hij wel eens horen wat we in huis hadden.” Paul was na een luistersessie onder de indruk en beloofde een keer met het talentvolle jonge trio de studio in te gaan. Sommige beats op De La Soul’s debuut 3 Feet High And Rising waren ideeën die Prince Paul eigenlijk voor Stetsasonic wilde gebruiken. “Maar Stet had geen interesse. Uiteindelijk heel gunstig voor ons. We produceerden allemaal, maar Paul kreeg alle credits. Dat vond ik wel terecht, zonder hem hadden we nooit een kans gehad”, vertelt Dave.

Onterecht imago
Om zich te onderscheiden van hun collega’s koos De La Soul voor een image en concept dat ze de D.A.I.S.Y. (Da Inner Sound Y’all) Age noemden. Het stond in hun ogen voor creativiteit maar veel mensen vatten het op als hippie-achtig. “Daar baalden we wel van. Onze vrienden van The Jungle Brothers droegen safari-kleding, A Tribe Called Quest hadden gewaden en dashiki’s aan, maar wij hadden meer een nette, studentikoze look met overhemden en pantalons. Niets hippie-achtigs aan verder!” De La Soul wilde van dat in hun ogen onterechte, lieve imago af en deed dat met het meesterwerk De La Soul Is Dead, waarop een afbeelding van een gebroken bloempot te zien is. Dat werkte prima, want vanaf dat moment had niemand het meer over De La Soul als hippies.

Creatieve mensen
De La Soul’s relatie met labels is altijd enigszins stroef geweest, vertelt Maseo. “Als je eenmaal succes hebt gehad, nemen labels dat altijd als uitgangspunt. In het begin wilde ons label Tommy Boy een nieuwe Me, Myself And I, later wilden ze weer een track met de Gorillaz, net als Feel Good Inc. Onze reactie is dan: ‘Als jullie dat zo graag willen, dan maken jullie toch zelf lekker zo’n nummer!’ We zijn creatieve mensen, dus we willen altijd iets nieuws doen. Labels snappen dat niet.”

Bijzondere ontmoetingen met LL, Keith Murray en Redman
In Maseo’s 25-jarige carrière zijn er veel mooie momenten geweest. Toch staan een paar ontmoetingen met collega-rappers hem nog het meest bij. “In 1989 stonden wij aan het begin van onze carrière. LL Cool J gaf aan geïnteresseerd te zijn om met ons samen te werken en kwam dus naar mijn piepkleine huisje in Long Island. Hij was toen echt al een superster maar was heel sympathiek en vooral erg grappig. Mensen zouden het niet verwachten maar LL is echt een grappenmaker. Hij vertelde constant allerlei grappige anekdotes over collega’s met de timing van een professionele komiek. Geweldige cat!”

Zijn wilde avondje met Keith Murray en Redman zal Maseo ook niet snel vergeten. “Die gasten zaten zwaar aan de drugs. En dan heb ik het niet alleen over weed maar over dust (PCP). Daar ga je zwaar van hallucineren. Keith bood op een gegeven moment aan mij vanuit de stad terug naar Long Island te rijden. Dat was geen lift zonder risico (lacht). Voordat we gingen, zei hij nog tegen me: ‘Hoor je die Redman-muziek uit die auto die al een hele tijd rondrijdt? Dat is Reggie zelf, hij luistert al vier uur zijn eigen shit. He wanna be a star now!’ Red en Keith waren vrienden maar waren constant overal over aan het ruziën, heftig beïnvloed door drugs. Ik heb me wild gelachen die avond man!”

Toekomstmuziek
Maseo vindt touren een essentieel onderdeel van het muzikantschap. “Ik draai ongeveer 100 keer per jaar naast de optredens die ik heb met De La Soul. Ik snap ook echt niet dat er artiesten zijn die niet toeren. Dan heb je echt niets te zoeken in de muziek wat mij betreft.” Op dit moment hebben Posdnuos en Dave een album uit als First Serve, een project met twee Franse producers. Een nieuw De La Soul album is zeker niet al te ver weg volgens Maseo. “Er komt zeker nieuw werk van ons, ik kan alleen geen datum geven. We brengen weer een album uit als de tijd rijp is en het goed voelt.”

 

Meer Interviews