In Rewriters-expositie nummer drie van dit jaar in de Rotterdamse Markthal exposeert Diana Kusuma met haar karakter Doodkonijn. Kusuma zit al een tijdje in de graffitiscene, maar Doodkonijn kwam pas écht tot leven toen haar eigen huisdier het loodje legde. Wij doken met haar in haar achtergrondverhaal.

Al toen ze een klein meisje was hield Kusuma zich bezig met graffiti. Ze kwam voor het eerst in de problemen op tienjarige leeftijd, toen ze het hele schoolplein had ondergetagd. “Aangezien ik de enige op school was met fluor-roze Posca’s was het voor de juf niet zo moeilijk te achterhalen wie de schuldige was. Na schooltijd kon ik dan alles met een schuursponsje schoonmaken.”

Het was dan ook geen verrassing dat ze op latere leeftijd naar de kunstacademie in Rotterdam zou gaan. “Op de Willem de Kooning Academie volgde ik de opleiding ‘Animatie’, met als extra vak ‘Illustratie’. Daar kwam ik erachter dat animatie mij niet lag en ik mezelf wilde focussen op hele andere dingen.”

Ze ging vaak met vrienden en medestudenten naar de zogeheten hofjes, waar ze samen allerlei muurschilderingen maakten. Haar opleiding kwam steeds meer op de achtergrond terecht. Bovendien er kwam van alles op haar pad, waardoor studeren geen prioriteit meer voor haar was. Ze stopte met haar opleiding, met het idee dat ze illustratie later weer zou oppakken; daar is het uiteindelijk niet meer van gekomen.

Na haar studie hield ze zich steeds vaker bezig met illustraties en ze begon ook knuffelbeestjes te maken. Niet de schattige beestjes die je in de standaard speelgoed winkel kunt vinden, maar altijd met een rare twist. In die periode is ook Doodkonijn ontstaan. In een vorig interview met ons vertelde ze er alles over.

“Ons konijn was helaas overleden, die hadden we netjes begraven in een doosje. Maar niet heel veel later wilde mijn zoon graag kijken wat er dan was overgebleven. Dat zou waarschijnlijk niet veel zijn, daarom het leek me een leuk idee om daar een knuffeltje van te maken. Dus ik had een knuffeltje van ‘Doodkonijn’ gemaakt, in een doosje gestopt en later samen met mijn zoon opgegraven. Dat vond hij toen echt superleuk.”

Onlangs is Kusuma ook een samenwerking aangegaan met Gwen Stok, een oud klasgenoot van de Willem de Koning Academie. Wat begon als kleine stripverhalen op kladblaadjes in de kroeg, mondde uit tot muurschilderingen in opdracht. Zo heeft het duo afgelopen zomer nog een grote muurschildering in Rotterdam gemaakt en hebben ze een vaste plek voor hun stripjes in de wijkkrant van Blijdorp. Hoewel hun tekenstijlen behoorlijk uiteenlopen, weten ze toch tot een mooi compromis te komen. Waar Kusuma’s stijl eenvoudig en strak is, heeft het werk van Stok veel meer detail.

Naast al haar bezigheden heeft Kusuma het schoolleven tóch weer opgepakt, opnieuw op de Willem de Kooning Academie. Echter niet voor illustratie, maar als docent Beeldende Vakken. “Tijdens m’n carrière kwamen er ook heel veel workshops op m’n pad en dat vond ik superleuk. Ik werk nu al een tijdje twee dagen in de week als invaldocent op een middelbare school, hier val ik in bij álle vakken. Als er een vaste docent uitvalt, sturen zij mij de lesstof en geef ik er mijn eigen draai aan. Het is een leuke aanvulling op mijn studie. Ik leer er ontzettend veel, maar uiteindelijk vind ik het vak beeldende vorming het aller leukst en geef ik dat ook het liefst.”

Nu is ze docente, maar ze is ook nog altijd actief op straat. Dat begon toen ze de jongens van Lastplak tegenkwam tijdens een expositie. Ze vroegen of Kusuma mee wilde werken aan een muurschildering aldaar en zo rolde ze de streetartscene van Rotterdam in. Omdat ze ook met een karakter de straat op wilde, besloot ze Doodkonijn in te zetten. Sindsdien is hij dan ook met enige regelmaat op muren en schuttingen in Rotterdam te vinden.

“Je ziet nu wel vaker dat street artists een karakter hebben, als je dan naar een street art jam gaat is het echt super leuk om met iedereen samen te werken. Je kan al die karakters in één beeld zetten en combineren.” Kusuma ziet haar werk ook als een sociaal ding. Ze vindt het leuk om met anderen samen te werken en even een gezellig praatje te maken. “De jongens van Lastplak zijn ook echt m’n maatjes, ik paint voor de lol met hen, maar doe ook wel eens een expositie met ze.”

Maar nu exposeert ze in haar uppie, of althans, mét Doodkonijn. Check hier een impressie en meer informatie.

Meer Interviews, Rewriters