Na de fenomenale editie van vorig jaar ligt de lat voor Lowlands 2018 misschien wel hoger dan deze bij de vorige 25 edities ooit gedaan heeft. Is het festival in Biddinghuizen de kroon op de oververhitte festivalzomer of verbleekt het deze keer onder de druk? HIJS was ter plaatse om dat eens even proefondervindelijk te ondervinden.

De La Soul maakt zo vroeg op de dag al zijn opwachting in de Alpha tent, waar ze trots vertellen over hun historische band met Nederland: “This was the first place we went to when we left New York in 1988!” De koperpartijen van de band klinken lekker, maar gelukkig laat het trio ook een hoop van de originele beats gewoon door Maseo instarten. Het valt wel op dat De La ondanks een vorig jaar verschenen album het toch écht nog steeds van onverwoestbare classics als Me, Myself and I moet hebben, wat de show vooral tot een nostalgisch feestje voor de oudere garde onder de Lowlanders maakt.

Het einde van wat Plugs 1 t/m 3 laten horen krijgen we niet meer mee, want dan zijn we al enige tijd onderweg naar de andere kant van het terrein, waar recenter materiaal uit de koker van een Gorillaz-collega direct aansluit op de show van De La. “Look at me, I was made for this shit”, rapt Little Simz al vroeg in haar set op Good For What, en als je haar live ziet is het onmogelijk iets tegen dat statement in te brengen. Geflankeerd door een drummer, DJ en toetsenist staat ze voor een matig gevulde Heineken-tent, maar tijdens het eerste kwartier stroomt de tent steeds voller. De overwegend mellow vibe van de muziek vormt een boeiend contrast met haar scherpe, razendsnelle flow en ingenieuze tempowisselingen; zeker op technisch vlak zijn er weinig rappers op deze wereld die zich met haar kunnen meten. Tegen het einde van de show eet het publiek dan ook uit haar hand. “Did you like it?”, reageert ze retorisch en met een stralende lach op hun enthousiasme. De songtekst “Wonderland is amazing / I never ever wanna leave” buigt ze vervolgens dankbaar om naar “Lowlands is amazing”.

Dat Lowlands niet alleen voor headliners en gebaande paden kiest, bewijzen ze met de boeking van BROCKHAMPTON. Een gok die glorieus uitpakt (zoals wij eerlijk gezegd al wel verwacht hadden), want het uitzinnige collectief stelt live niet teleur. Met zijn zessen stuiven ze het podium op, gehuld in witte shirts met elk een andere inspirerende quote op de achterkant, uit het werk van singer-songwriter Leonard Cohen of de Oud-Griekse filosoof Thales. Niemand mist Ameer Vann nog, wanneer ze openen met 1998 TRUMAN, de eerste single sinds ze hem de groep uit bonjourden.

Joba lijkt een kruising tussen Nick Carter en Slim Shady, Merlyn Wood is even energiek en onvoorspelbaar als ODB, Dom McLennon komt met spits voor de puristen, de witte Matt Champion klinkt bedrieglijk donker en diep, Bearface komt met verrassend gitaarspel en melodieën die aan Frank Ocean doen denken en Kevin Abstract vormt de nexus van al die stijlen. Er zijn circle pits, stukken zang en stukken rap, en onstuitbare posse-cuts die afgewisseld worden met kwetsbare solo-momenten, waarbij de rest van de groep achterop het podium zit en één lid het voortouw neemt.

De heerlijk afwisselende setlist van BROCKHAMPTON houdt het tempo er continu in en vermijdt alle geijkte hiphop-clichés: géén “when I say Brock, you say Hampton”, left side versus right side of obligate verhalen over wiet in Nederland. Nee, in plaats daarvan krijgen we een act die we met een gerust hart durven omschrijven als de Wu-Tang Clan van deze generatie. Een act met een onbeschaamd homoseksuele rapper als frontman, die zichzelf de “best boyband in the world” noemt, en daar vol-ko-men gelijk in heeft.

Aan het einde van de vrijdag mogen zowel Little Simz als De La opnieuw het podium betreden, ditmaal als onderdeel van Gorillaz. M1A1 vormt met het uit zombiefilm Day of the Dead gesamplede “Helloooo..? Is anybody out there?!” uiteraard de even onvermijdelijke als toepasselijke intro, maar de raggende gitaren uit die track blijven helaas in veel van de set ver te zoeken. Niet dat met rustigere nummers als het mooi melancholische Rhinestone Eyes (waarbij Damon Albarn over de paden tussen het publiek loopt om hen een hand te geven) iets mis is, in tegendeel. Maar de urgentie in de bijna twee uur durende set verslapt wel een beetje wanneer zulke tracks de overhand krijgen.

Halverwege wordt er nog een kort eerbetoon aan Aretha Franklin gedaan met een flard van haar (You Make Me Feel Like a) Natural Woman, maar pas wanneer Little Simz haar bijdrage aan het beukende Garage Palace komt doen, leeft de boel weer op. En voordat Maseo zijn scheur open mag trekken om met die demonische lach Feel Good Inc. te openen, komt er nog wat welkome spontaniteit in het geheel, als bandgenoot Posdnous in het zonnetje wordt gezet vanwege zijn verjaardag. Het lukt Gorillaz zo gedurende het concert wel degelijk om te entertainen, maar overdonderen blijft uit.

Dat doet ook Leafs de volgende dag niet, als de sensei van de massaal in FEBO-heuptasjes en aanverwante merchandise gehulde jeugd op het podium van de India staat. Na drie tracks heen en weer rennen, waarbij vrijwel alle vocalen van de band komen en alleen een handvol adlibs daadwerkelijk gespit worden, houdt deze verslaggever het voor gezien. Leafs kan dan nog zo’n sympathieke gozer zijn, het neemt niet weg dat je praktisch dezelfde show kunt beleven door een paar honderd mensen uit te nodigen om op een willekeurig grasveld op zijn plaat te moshen. Leuk voor bij Henny Huisman misschien, maar met een een live optreden heeft dit allemaal bar weinig te maken.

Hoe anders is dat bij Stormzy. Op het immense beeldscherm ziet het publiek de datum langs flitsen, opgevolgd door “Biddinghuizen, Netherlands” en de letters S, T, O, R, M, Z en Y. Uiteraard maakt de van charisma overlopende Londense rapper daarna zijn entree. “Every show I’ve ever done in The Netherlands built up to this moment”, vertelt hij het publiek in de Bravo met gevoel voor gravitas. De setlist sluit dan ook volledig daarop aan, en laat de volledige breedte van zijn oeuvre horen.

De remix van Lethal Bizzle’s Fester Skank bijvoorbeeld, maar ook die van Ed Sheeran’s (“another friend from London”) Shape of You. Van de banger Know Me From, een track die twee jaar geleden nog op het kleinste podium van Paaspop klonk, tot Cold, van zijn vorig jaar verschenen album Gang Signs & Prayer, hij brengt het allemaal met die uiterst gemotiveerde, glasheldere flow en heerlijk Britse tongval. Zowel Stormzy als zijn lyrische publiek ervaren het als een voorlopige mijlpaal in zijn carrière, wat op sympathieke wijze onderstreept wordt door de boomlange grime emcee zelf, als hij na het optreden direct het publiek induikt om het met zijn fans te vieren.

De avontuurlijkste tent van Lowlands blijkt wederom de X-Ray te zijn. In voorgaande jaren stonden hier acts als Vic Mensa en Denzel Curry, voordat zij een niveau van faam bereikten dat verzekert dat ze niet meer in deze kleine tent passen. Als die trend zich dit jaar voortzet, dan is de huidige renaissance in de jazz nog lang niet op zijn tent, want het kwartet Sons of Kemet geeft er misschien wel het broeierigste, spannendste en vuigste optreden van het festival.

Saxofonist Shabaka Hutchings gaat voorop, terwijl trombonist zijn spel van een extra rauwe rand voorziet. Dat het hier niet om zondagochtend-chill-modus jazz gaat blijkt ook uit het fundament dat gelegd wordt door maar liefst twee drummers: Tom Skinner en Eddie Hick. Samen spelen zij muziek die klinkt als de perfecte soundtrack bij een Godzilla-film, als het kaiju-monster op de een of andere manier de gratie van Muhammad Ali’s voetenwerk gekregen zou hebben. Dat van de uiteindelijke afkondiging van Hutchings—die inmiddels glimt van het zweet—geen woord te verstaan is, maakt niet uit. De muziek spreekt boekdelen.

Kaiju en aliens zijn ook van de partij bij het optreden van N*E*R*D, maar dan in de visuals op het scherm van de volle Alpha-tent. Ze worden afgewisseld met beelden van ‘80s workout VHS tapes en wat epilepsie-geflikker, maar ondanks die hectiek wil het optreden zelf maar niet vlammen. Dat komt vooral door de oervervelende blokjes hits die tussendoor gedraaid moeten worden. Tot twee keer toe haalt Pharrell de vaart compleet uit de set door tien minuten lang hits te laten horen die hij geproduceerd heeft: in het eerste blok onder meer Grindin’ en Stir Fry, in het tweede Hot in Herre en Gwen Stefani’s bananenlied.

party in de Bravo

Met vijf albums vol pop/rock/funk tracks is één zo’n blokje al volkomen overbodig, maar het blijkt nog erger te kunnen, wanneer de band de baslijn van The White Stripes’ Seven Nation Army inzet. Hoe uitgekauwd wil je het hebben? En zo oprecht als de vreugde en het enthousiasme van Stormzy eerder klonk, zo geroutineerd en doorspekt van vals sentiment klinkt het wanneer Pharrell Williams op zaterdagavond Lowlands “the most lit festival so far” noemt. Tuurlijk Skateboard P, je vertelde Pukkelpop gisteren vast precies hetzelfde.

Pharrell sloot de verder heerlijke zaterdag wat karig af, en helaas doet de zondag er lang over om het eerdere niveau weer te herpakken. Je zou denken dat het energieke mengsel van trap en horrorcore dat $UICIDEBOY$ laat horen op plaat zich prima vertaalt naar een puike liveshow, maar niets blijkt minder waar. De zaal is nog niet halfvol na het tegenwoordig bij Amerikaanse rappers verplichte tien minuten warmdraaien door de DJ, wanneer twee stoned uitziende pompbediendes verkleed als roadkill het podium oprennen. Oh nee, het zijn Ruby Da Cherry en $lick Sloth, en zo zien ze er gewoon uit. Niet dat ze niet net zo goed twee willekeurige pompbediendes bij een tankstation hadden kunnen halen, want ook bij deze guys worden enkel wat ad-libs over de studio opnames heen geschreeuwd. Sterker nog, random pompbediendes waren waarschijnlijk beter geweest; die hadden er misschien nog bij gestaan alsof ze ook daadwerkelijk daar wilden zijn. Na drie tracks zijn we ook hier weg.

We dolen wat rond, halen een bord kaasfondue, drinken bier en chillen, tot de X-Ray eindelijk uitkomst biedt met opnieuw een spannend jazzconcert. Ditmaal is het Kamaal Williams (alias Henry Wu) die als keyboard-speler en synthesizer-tovenaar samen met drummer Dexter Hercules en bassist Pete Martin een partij jazzfunk speelt met een lekker dansbaar house-randje. Williams is een uitermate vrolijke en typisch Londense host, en de band laat zich niet kennen wanneer er zich enkele technische problemen voordoen.

Dat ze onverstoorbaar doorspelen wanneer de voorste speakers uitvallen mag op applaus rekenen, en de problemen die Martin later in de show met zijn basversterker lijkt te hebben zijn vooral waarneembaar dankzij het haastige klussen van hu roadie; in de muziek vangen zij het naadloos improviserend op. Ze moeten ook wel goed op elkaar ingespeeld zijn, want de subtiele tempovariaties op de toetsen zouden mindere goden snel op het verkeerde been kunnen zetten. “How’s everybody doing? Were going to see Kendrick afterwards, right?” vraagt Williams zijn publiek kort voor het einde opgetogen. “The next song pure improvisation. It’s called Lowlands festival”, grapt hij.

Natuurlijk gaan we net als Kamaal Williams naar Kendrick. Kungfu Kenny heeft al twee keer eerder met groot succes op het festival gestaan, en heeft dit jaar zelfs de eer gekregen het af te sluiten. Een video die rechtstreeks uit een Shaw Brothers film getrokken zou kunnen zijn, ware het niet dat Kungfu Kenny zelf de hoofdrol speelt, opent de show. De video gaat over in een tweede beeld, ditmaal een fragment van Fox News. Het gros van het publiek weet dan al direct welke audio daarbij hoort: de intro van DNA.

Pulitzer Kenny volgt het op met een setlist vol vuurwerk—letterlijk en figuurlijk—waarin ook enkele van zijn populairste features niet ontbreken Tijdens ScHoolboy Q’s Collard Greens schieten de vlammenwerpers omhoog op het ritme van die typische baslijn, maar het figuurlijke vuurwerk is eigenlijk nog veel spectaculairder. Het massaal meegerapte Backseat Freestyle bijvoorbeeld, de heerlijke vibe en dito gitaarspel tijdens Money Trees, en natuurlijk HUMBLE. Bij die laatste track laat Kendrick de beat wegvallen onder het inmiddels iconische “my left stroke just went viral”, waarna het voltallige Lowlands publiek de rest van de track a capella voor hun rekening neemt, met Kendrick als zwijgzame dirigent op het podium. Als hij vervolgens de track nogmaals doet, en ditmaal zelf ook de vocalen voor zijn rekening neemt, is de euforie compleet. 

Als toegift volgt All The Stars, op elke normale dag van de week eerlijk gezegd één van de wat minder indrukwekkende tracks op die verder uitstekende Black Panther soundtrack, naar de bescheiden mening van ondergetekende. Op deze zondag, in de roes van wat we net gezien en gehoord hebben, strookt het echter van begin tot eind met de tekst die Kendrick eerder in de setlist al liet horen tijdens de Travis Scott track waarop hij een feature leverde: I get those goosebumps every time.

Conclusie

Bij het verlaten van het terrein rond de Alpha na afloop van Kendrick’s show, zien we een uitzinnige menigte takken zwaaien in de Lima. Het is een traditie die geboren is op Balkanbeats en andere exotische feestmuziek die daar vaak geprogrammeerd wordt, en een verschijnsel dat inmiddels oud genoeg is om misschien wel gepionierd te zijn door de ouders van de bezoekers die daar nu staan te dansen. Generaties komen en gaan, stromingen in de popmuziek beheersen het ene jaar om jaar of een drie jaar later naar de marges te verschuiven, maar sommige dingen zullen altijd bij Lowlands horen. Dat Lowlands een geheel eigen festivalcultuur heeft én tegelijk het oog op de muziek van morgen blijft houden (Sons of Kemet, BROCKHAMPTON) is precies wat het, ondanks twee tegenvallende headliners en enkele luie playbackrappers, wederom maakt tot wat het is: het allermooiste weekend van het jaar.

Fixtures

Hoogtepunt: Het Nederlandse podiumdebuut van BROCKHAMPTON, de mijlpaal van Stormzy en de vuige jazz van Sons of Kemet.
Dieptepunt: Playbackrappers. Fuck ‘em as a staff, record label and as a motherfucking crew.
Bier: 1 munt (€ 2,80)
WC: gratis
Garderobe: kluisjes in Standaard, L en XL formaat (met tot €40 oplopende prijzen, incl. €5 borg)
Fotograferen: ja
Geluid: goed
Bezoekers: 49.500
Damage: € 195,- incl. €10 servicekosten.
Cijfer: 8

Meer Party reports