Sociaal kapitaal als kans binnen hiphop

Hiphop is eind jaren ‘70 ontstaan in de getto’s van New York. Ondertussen zijn we alweer zo’n 30 jaar verder en heeft de culturele stroming verschillende veranderingen doorgemaakt.

In dit onderzoek wil ik weten welk sociaal kapitaal wordt door gegeven door middel van educatieve activiteiten. Ik heb een vergelijkend onderzoek gedaan naar de transfer van sociaal kapitaal bij de hiphoppers in Rotterdam en New York.
Sociaal kapitaal wordt als definitie voor het eerst geïntroduceerd door de socioloog Durkheim. In een onderzoek naar het verschijnsel zelfmoord, komt hij er achter dat het behoren tot een groep bescherming biedt. Ik heb mijn theoretisch kader voor dit onderzoek gebaseerd op de theorieën van Bourdieu, Putman en Baker. Bourdieu vatte sociaal kapitaal in een context samen met andere vormen van kapitaal, economisch en cultureel kapitaal. Volgens Bourdieu zijn sociaal en cultureel kapitaal ondergewaardeerd binnen onze maatschappij. Dit probeerde hij te verklaren doordat deze vormen van kapitaal minder zichtbaar zijn dan economisch kapitaal en daarom minder goed te calculeren door de samenleving. Putman verdiepte zich in sociaal kapitaal nadat hij erachter kwam dat politieke betrokkenheid in verband staat met de kwaliteit van sociaal kapitaal. In zijn onderzoek blijkt dat de lidmaatschappen van de burgers sterkt zijn verminderd de afgelopen 60 jaar. Hij denkt daarvoor een verklaring te kunnen vinden in het feit dat families sterk veranderd zijn van samenstelling en dat de mobiliteit van Amerikanen vergroot is. De literatuur van Baker heb ik voornamelijk gebruikt om de netwerken van de respondenten binnen dit onderzoek te kunnen wegen. Hij gaf aan dat focus, diversiteit en formaat een indicatie kunnen leveren voor de soort van netwerken en de werking daarvan. Verder betoogd Baker in zijn boek dat kwalitatief sociaal kapitaal van grote waarde is voor individuen en organisaties omdat zij zo een grotere kans van slagen hebben in de maatschappij.

Voor mijn onderzoek heb ik een filosofie, methode van onderzoek en strategie uitgekozen om de vragen binnen dit onderzoek te kunnen beantwoorden. Ik heb gekozen voor het realisme, omdat ik de context waarbinnen dit onderzoek plaats vindt als zeer belangrijk beschouw. De maatschappelijke context waarbinnen hiphop is ontstaan heeft van grote invloed op de uitvoering van hiphop nu. Ik wilde daarom ook een breed beeld schetsen van de culturele stroming. Ook de onderzoeksmethode die ik heb gekozen, inductie, heeft te maken met het feit dat ik de context van deze culturele stroming van waarde acht binnen dit onderzoek. Door middel van diepte interviews heb ik de informatie verkregen van de respondenten. Het is een kwalitatief onderzoek omdat ik door middel van diepte-interviews de mogelijkheid heb om door te vragen en zo dieper in te gaan op de context.
De geschiedenis van hiphop gaat terug naar de jaren ‘70 in New York. In de getto’s van de Bronx verzamelden jongeren zich om te kunnen genieten van muziek die gebaseerd was op disco en soul platen. Hiphop is een straatcultuur onder jongeren die dankzij commercieel succes uit groeit tot een van de grootste stromingen binnen de muziek. Hiphop heeft van oorsprong vier verschillende elementen, namelijk dans, graffiti, DJ-ing en MC-ing. Deze verschillende elementen zijn in de loop van de tijd gedifferentieerd en uitgebreid.

Hiphop kwam eind jaren ‘70 overwaaien naar Nederland. Voornamelijk de allochtone jongeren konden zich in deze tijd identificeren met deze straatcultuur en al snel werd deze eigen gemaakt. Het duurde een poos voordat er Nederlandstalige hiphop werd gemaakt, artiesten als Osdorp Posse en Extince zijn twee artiesten die Nederhop populair maakte. Rotterdam is een stad die zichzelf kenmerkt door haar rauwheid en directheid. Hiphop was een cultuur die daar goed bij aansloot. Op muzikaal gebied zijn de Rotterdamse jongeren altijd enorm actief geweest. Maar ook in de dans en graffiti is Rotterdam zowel geroemd als berucht.
De onderzoekspopulatie heb ik geformuleerd naar aanleiding van de eerste hit binnen de hiphop, namelijk ’Rappers Delight’ van Sugarhill Gang. De populatie bestond uit docenten die gespecialiseerd waren in de verschillende elementen van hiphop tussen de leeftijd van 20 tot 40 jaar. Per element had ik een docent benaderd, zowel in Rotterdam als in New York.
Alle respondenten heb ik bevraagd over hun achtergrond, netwerken, hun ervaringen binnen de hiphop en de educatie die zij gaven.

De respondenten die ik heb gesproken bleken verschillende overeenkomsten te hebben en verschillen. Zo bleek dat de respondenten uit Rotterdam een lager opleidingsniveau te hebben en een grotere familie. Een familie is de basis van het sociale kapitaal. De relevantie van de netwerken binnen de familie bleek dan ook groter te zijn bij de Rotterdammers. Op het gebied van vriendschap bleken de respondenten uit Rotterdam ook een ander beeld te geven dan de respondenten uit New York. Er bleken wel relevante netwerken te zijn bij de vriendengroep van de Rotterdamse respondenten, maar er werd minder gebruik van gemaakt in vergelijking met de respondenten uit New York. Op het gebied van werk kwam binnen dit onderzoek naar voren dat de relevantie van de werkzaamheden bij beide groepen een belangrijke factor te zijn bij het aanboren van sociaal kapitaal. Ook beide groepen waren terug houdend bij het gebruik van deze netwerken. Bij de opleidingen van de respondenten was dit een beetje hetzelfde verhaal. Een opleiding moet relevant zijn voor de werkzaamheden nu, anders wordt deze niet aangesproken. Wel hadden de respondenten hierop een voorsprong omdat de opleidingen die zij genoten hebben veel overeenkomsten hebben met hun werkzaamheden nu. Hiphop is de gedeelde factor tussen de respondenten en daarom wilde ik graag weten hoe de respondenten binnen deze culturele stroming staan en welke netwerken zij daarin hebben opgebouwd. Met de interviews is naar voren gekomen dat de manier hoe de respondenten in contact kwamen met hiphop voor beide groepen ongeveer gelijk is. De waarden die men aanspreekt binnen de culturele stroming had ook veel gelijke noemers. Zowel op individueel gebied als op sociaal gebied. Alle respondenten hadden zich verdiept in een element, maar hadden zich ook op andere vlakken binnen de hiphop vaardigheden eigen gemaakt. Ook het feit dat alle respondenten bij het aanleren van deze vaardigheden voornamelijk op zichzelf was aangewezen, was een gegeven die bij de analyses naar voren kwam.

Volgens de respondenten ontstaan de netwerken die zij hebben binnen de hiphop voornamelijk op plaatsen die een functie hebben binnen de hiphop. De respondenten hebben allemaal netwerken op verschillende niveaus; op lokaal, nationaal en internationaal niveau.
Alle respondenten geven aan dat zij educatie belangrijk vinden en dat er onderscheid wordt gemaakt onder de pupillen ten behoeve van ontwikkeling en talent. In eerste instantie wordt er gebruik gemaakt van de eigen expertise, maar ook de netwerken worden aangesproken op basis van vraag. Een verschil hierin is dat de netwerken die ingezet worden door de respondenten uit New York vaak een zakelijke achtergrond hebben.
Verder bleek er ook een verschil te zijn in lidmaatschappen bij politieke partijen en bij verenigingen. Beide groepen bleken geen interesse te tonen voor een lidmaatschap bij een vereniging. Maar de respondenten uit New York bleken wel politiek actiever.

Naar aanleiding van dit onderzoek heb ik verschillende conclusies gedaan die ik niet mag generaliseren, maar wel indicaties kunnen geven over het gebruik van sociaal kapitaal binnen de hiphop gemeenschap en de transfer daarvan binnen de educatie. Hiphop is een rijke gemeenschap, maar de rijkdom daarvan wordt niet op waarde geschat. Ook kwam door middel van de interviews naar voren dat de hiphop gemeenschap een grote, heterogene en introverte vorm van sociaal kapitaal bezit. Wat mij opgevallen is dat de institutionalisering van het cultureel kapitaal, zoals daar sprake is bij het geven van educatie binnen de hiphop elementen, een negatieve invloed heeft op de transfer van sociaal kapitaal. Wel stijgt door het institutionaliseren van de educatie de status van hiphop binnen de gemeenschap.

Schrijver: Marijn Donkers
Aantal pagina’s: 88

Deze scriptie is in zijn geheel op te vragen via scriptiedonkers@live.nl

Geplaatst door bowie op 4 juni 2009