Als er iets is waar Big K.R.I.T. geen gebrek aan heeft, dan is het wel ambitie. Het is alweer drie jaar gelden dat de rapper en producer uit Mississippi zijn tweede retailalbum uitbracht op Def Jam; een eeuwigheid in het internettijdperk. Zijn labeldeal is hij inmiddels kwijt, het momentum van zijn carrière is ingezakt als een mislukte soufflé en wat bekokstooft hij om zijn comeback te maken? Een fucking dubbelalbum. De steen waar menig rapicoon zijn neus hard aan gestoten heeft (*kuch* Nas *kuch kuch* Jay-Z).

En het begon allemaal nog wel zo veelbelovend. In 2010 veroverde Big K.R.I.T. de wereld met K.R.I.T. Wuz Here, een plaat die als gratis te downloaden mixtape uit werd gebracht, maar zich makkelijk meten kon met de beste albums die er dat jaar te koop waren. Zijn stem en zuidelijke accent deden, vooral wanneer hij er wat hoger mee ging, denken aan Pimp C. Net als zijn productiestijl trouwens; een moderne update van het UGK-geluid, waarin blues, soul en gospel zich prima mengen met ratelende 808’s. K.R.I.T. schuwt trapdrums niet, maar laat ze liever warm dan dreigend klinken. Meer Outkast dan Young Thug zeg maar, maar even onmiskenbaar uit de dirty south.

Qua teksten is hij dan weer meer lyrically Talib Kweli, met een vleug Scarface erin qua spiritualiteit en introspectie. Alles bij elkaar leverde het een volledig gevormde artiest op, die ook nog eens zijn eigen (heerlijke) beats maakt. Iemand die zo’n compleet en kwalitatief hoogwaardig pakket biedt, en dan ook nog eigenhandig daar zoveel buzz mee op weet te bouwen, is onweerstaanbaar voor elk platenlabel. Het duurde dan ook niet lang voor G-Unit-generaal Sha Money XL, toen één van de topmannen bij Def Jam, om hem namens het legendarische label uit New York een contract onder de neus te schuiven.

Met talent te over en de backing van één van de grootste labels in de business stond Big K.R.I.T. op dat moment in de startblokken om het volgende icoon in de hiphop te worden, een Kendrick Lamar van het zuiden. Zijn logo had de gestileerde vorm van een kroon en de belofte daarvan leek hij helemaal in te gaan lossen; als T.I. op dat moment de king of the south was, dan was K.R.I.T. toch zeker de kroonprins. Hij bracht in 2011 met Return of 4Neva een tweede uitstekend ontvangen tape uit en kondigde een paar maanden later zijn debuutalbum Live From The Underground aan.

Ondertussen zwoegde de zeer productieve K.R.I.T. gewoon door aan zijn mixtapes. In het begin van 2012 bracht hij 4 Eva N A Day uit. Op de cover zien we een jochie op de houten veranda van zijn huis zitten, met links van hem een bijbel en op de achtergrond een kerk, terwijl hij zijn blik richt op de Cadillac die voor de stripclub rechts van hem staat. Aan die kant staat er een fles sterke drank naast hem. Die dualiteit, en de worsteling daarmee, is een terugkerend thema in het werk van de rapper, en ook op deze tape werd die weer in prachtig bluesy rapnummers gevangen. Wéér scoorde hij niks anders dan lyrische kritieken en talloze downloads, een weinig overtroffen hattrick.

Die drie mixtapes van Big K.R.I.T. zijn eigenlijk geen mixtapes te noemen. Daar hebben ze een te zorgvuldig opgebouwde spanningsboog en sterke samenhang voor. Het zijn gewoon albums, alleen vond je ze op DatPiff in plaats van in de platenzaak. Een paar maanden later kwam op 5 juni 2012 dan eindelijk zijn langverwachte eerste album met een streepjescode uit, en toen ging het ineens bergaf.

Niet dat Live From The Underground een slechte plaat is, absoluut niet. Maar van die vier albums, is het uitgerekend de enige waar je wél voor moet betalen die het zwakste is. De samenhang waar hij zo om geroemd werd was er veel minder in te vinden, de plaat leek van de hak op de tak te springen en bood een soort light versie van Big K.R.I.T., terwijl de tapes gewoon het volvette product gaven.

Wat ging er mis? Had hij te lang aan de plaat gesleuteld, en daardoor de focus verloren? Of waren de investeerders van het label misschien te veel op de regisseursstoel geklommen, waardoor het niet meer de pure visie had, die hij op zijn tapes wel kon uitdragen? Wat het antwoord ook is, de eerste deuk in zijn harnas had niet op een slechter moment kunnen komen.

Opvolger Cadillactica werd beter ontvangen en K.R.I.T. bleef ook gewoon harde mixtapes droppen (waarvan er eentje bestond uit twaalf freestyles die hij gedurende even veel uur gedropt had) maar het verloren momentum keerde nooit écht terug. De grote belofte was onvervuld gebleken, de interesse van het publiek bleek weg te glippen en Def Jam had geen zin meer om te investeren in de vedette die op het moment suprème net niet scoorde.

Inmiddels zijn we drie jaar verder en is daar een nieuw album van Big K.R.I.T.: 4eva Is a Mighty Long Time. Een dubbelaar, met een Big K.R.I.T. kant en een Justin Scott (zijn echte naam) kant. Op die eerste spit hij, barstensvol zelfvertrouwen, even gedreven als soepele en razendsnelle raps. Zo is er een stuiterende banger vol opgepitchte soul als Big Bank met T.I., de UGK-tribute Ride Wit Me met bijdrage van Bun en Pimp zelf en Subenstein (My Sub IV), dat een workout aan je subwoofer geeft.

Op de twee helft horen we persoonlijkere raps, neemt hij meer ruimte voor zang en wordt de bounce op verschillende plekken ingeruild voor rijkere orkestraties. Dat hij nog altijd een absolute topproducer is, blijkt uit de ijzersterke balans die hij continu weet te vinden. Gloedvol en warm, maar zonder aan bounce in te leveren. De combinatie tussen hiphop en zuidelijke blues en gospel klinkt zelden zo natuurlijk en ongedwongen als bij hem. Big K.R.I.T. kan een slepend blazersarrangement aanrukken zonder dat het een seconde overdreven klinkt, en zijn stem wisselt met bedrieglijk gemak tussen de van Pimp C geërfde sneer en een flow die even melodieus als soulvol is.

Ook die eerdergenoemde dualiteit keert terug, op Mixed Messages zelfs heel letterlijk. “I got a whole lotta, mixed messages, in my songs / Am I wrong to feel this way?”, zo zingt hij, terwijl hij in de enige verse op de track zijn interne tegenstellingen tegenover elkaar zet. En op Drinking Sessions gooit hij zijn frustraties over verschillende onderwerpen eruit, waarbij ook problemen met Def Jam langskomen: “To them, I was like a check / Another five years of slaving and then it’s on to the next / I was tryna be what I envisioned as a child / A king ain’t a man of God when ain’t no church in the wild.

Het zal dan ook geen toeval zijn dat dit verpletterend sterke dubbelalbum de eerste release op K.R.I.T.’s eigen label Multi Alumni is. De eigenzinnige artiest uit het zuiden heeft de controle over zijn carrière terug, en het resultaat is zijn beste plaat tot nu toe. De kroon in zijn logo is op de cover van 4eva Is a Mighty Long Time niet meer te zien, in plaats daarvan zien we K.R.I.T. omkijken terwijl hij voor een zwarte achtergrond staat. Een schilderachtige goudkleurige zon omlijst zijn hoofd, of misschien is het toch een aureool, zoals die in religieuze schilderijen en iconen te zien zijn. Dat laatste zou zeker passend zijn, het gaat hier tenslotte om de wonderbaarlijke wederopstanding van Big K.R.I.T..

Meer Achtergronden