Ooit begon hij Noah’s Ark als afstudeerproject; hij zette een platform op poten om zijn eigen debuutalbum op uit te kunnen brengen. Inmiddels zijn er twintig jaar verstreken en kunnen we stellen dat het gelijknamige solodebuut van Jiggy Djé niet alleen een klassieker is, maar ook een fundering voor alles wat erna kwam. Het label, de artiesten, de movement, de classics én een aankomend derde album. We blikken terug op 20 jaar Noah’s Ark. Een album dat met recht een Nederlandse hiphopklassieker genoemd mag worden.

Noah’s Ark is een album dat Jiggy Djé vlijmscherp begint met de titeltrack, een song die Rik Spruijt in 2006 op onze website typeerde als een “bangende openingstrack.” Bovendien, zo schreef hij, “zijn de teksten ook nog eens van hoog niveau, waardoor de balans tussen beat en tekst prima is. Niet alleen bij bangers zorgt Turrie ervoor dat je hoofd op- en neerwaartse bewegingen maakt. Ook de rustige beats, zoals Positivisme, Michelle en De Eerste Dag, liggen chill in het gehoor.”

Passie verliezen en kappen

In een gesprek dat ik ooit had met Jiggy, waar een artikel uit voortkwam dat nooit is gepubliceerd, vertelde hij me niet alleen dat hij zich in sommige uitspraken die hij deed op het album niet meer kon vinden. Hij vertelde ook trots dat hij juist in die openingstrack een heleboel dingen zegt waar hij zich later goed aan heeft gehouden. “Als ik mijn passie verlies, dan kap ik, al is het één dag voor m’n albumrelease”, klinkt het in Noah’s Ark. Zo geschiedde haast letterlijk. Op het moment dat hij het niet meer voelde, gaf hij er de brui aan.

Maar niet ten tijde van Noah’s Ark. Brag & boast-nummers kunnen niet ontbreken op een Jiggy-album. Punchlines vol bravoure en opschepperij behoorden tot zijn handelsmerk. In single Blauw Bloed bijvoorbeeld: “Ik verkoop je dat pak voor je broek als Ralph Lauren.” Ik kan me nog een tijd herinneren dat hij tijdens live-shows de eerste vier bars van de eerste verse door iemand uit het publiek liet rappen. Ontkennen dat ik die in de trein naar Oss, waar hij in de Groene Engel optrad met Kohfie Konnect, heb gerepeteerd voordat ik de microfoon met mijn ogen had geclaimd tijdens de show, is zinloos. “Volgens mij is er een misverstand, ik ben de illste lyricist in dit fucking kikkerland…”

Pocherij van zulk soort hoorde simpelweg bij de stijl van een MC die de titels ‘Keyser Punchline’ en ‘Je Favoriete Rapper’s Favoriete Rapper’ claimde. Muziekjournalist Atze de Vrieze, tegenwoordig werkzaam voor 3voor12 en anno 2006 nog bij Kindamuzik, stelde echter dat Jiggy niets spannends te vertellen had op zijn debuutalbum. “Jiggy Djé is helemaal geen slechte rapper, hij heeft aardige taalvondsten, maar daar blijft het bij.” En: “Jiggy noemt zichzelf ‘de stem van morgen’, maar wie de laatste jaren opgelet heeft, hoort niets nieuws. Passie, zegt Jiggy Djé, daar draait het om. Hij vergeet originaliteit. De belofte is nog lang niet ingelost.”

Stroming of tegen de stroom in

Wie echt góed had opgelet hoorde wel een soort spitsvondigheid, taalkundigheid en iemand die zich vol bewijsdrang wilde losmaken van de term brag & boast-rapper. Met nummers als Equinox en Michelle (het concept daarvan hoort Atze wellicht twee decennia later wél) liet hij een gevoeligere kant horen, en ook op Positivisme krijg je een kijkje in wat er speelde in zijn bovenkamer. Bovendien is de keuze om te werken met één producer er niet alleen eentje die de klassieke hiphopgedachte eer aan doet, maar ook bijdraagt aan het grotere plaatje (heeeyyyy).

Alles op Noah’s Ark is namelijk geproduceerd door Terilekst, die door enkel gebruik te maken van samples uit eigen land, net als Jiggy Djé een verhaal smeedt. De plotselinge ondersteuning die komt van de blazers in de track J-I-G-G-Y DJÉ bijvoorbeeld, het fluitje dat als fundament voor de hele track Positivisme dient, de strijkers in Michelle; het getuigt van muzikaliteit en passie. De ene keer is de muziek rustgevend (Positivisme), de andere keer bangend (Check 1-2), maar altijd met een rapper erboven wiens flow prettig is om aan te horen. Bovendien zet hij regelmatig de inhoud gelijk aan de vorm:

“Geen geboren optimist, dat niet
maar ik vind dat pessimisme geen optie is
Noem me naïef
Ik heb zoiets van: “Fok die mist”
Het trekt wel op-die-mist…”

Profetische woorden

De tekstuele en muzikale conceptuele herinterpretaties en verwijzingen naar artiesten als Opgezwolle, Liesbeth List, Ice Cube, Annemarie Oster, Jay-Z, Extince, Common en Herman van Veen maken van Noah’s Ark bovendien een plaat voor de fijnproever. Soms waren die verwijzingen zeer duidelijk, een andere keer wat cryptischer: “Ook in het land der blinden is éénoog koning, ik ben uit voor die troon maar wel met twee ogen open”, rapt een ijverige en hongerige Jiggy. Hij wilde op de belangrijkste positie in het hiphoplandschap belanden en sprak naar wat later bleek profetische woorden uit.

Nu hij daadwerkelijk op die plek zit en de koning plaats heeft gemaakt voor de Keyser, heeft hij nieuwe verantwoordelijkheden, nieuwe doelen en nieuwe werkzaamheden. In het gesprek dat ik met Jiggy voerde vertelde hij me dat hij steeds verder detatched was geraakt van de muziek die hij toentertijd maakte. Waar ‘m dat in zat wist hij niet exact te benoemen, maar hij kon bij het terugluisteren van Noah’s Ark heel goed horen dat hij de jongen is geweest die het heeft ingerapt, maar dat hij dat niet meer ís. Hij sprak over een hoorbare onrust, die hij achteraf goed kon verklaren. Een quote die ik me forever zal herinneren uit die conversatie: “Het is als kijken naar oude foto’s van jezelf. Je wéét dat je het bent en je schaamt je er niet voor, maar je bent blij dat je verder bent dan op die foto.”

Soms is een glimlach genoeg

Op Noah’s Ark hoor je een jonge hond die heel hard probeert om een punt te maken. Een vijfentwintig jarige zich tot dan toe ongehoord voelde, en luid schreeuwde om aandacht. Dat deed hij soms met lege hulzen, door de rijmelarij boven de topics te zetten. Tegelijkertijd bood zijn debuutplaat een podium om daarmee af te rekenen. Bovendien was hij er zichzelf bewust van op dat exacte moment: “Regelmatig hoor je me onzinnige shit zeggen, maar soms ook niet, dan ga ik meer constructief te werk”, rapt hij in S.W.O.T. Een boodschap hebben wordt door puristen als hiphopprincipe gezien. Maar soms is een verse die een glimlach op het gezicht tovert juist meer dan genoeg.

Twintig jaar na dato en zeventien jaar na zijn laatste album kondigde Jiggy Djé vanochtend een nieuw album aan: DOG. De pre-order voor het vinyl staat nu live en de eerste drie singles (Upside Down, Lost Boys en King) beluister je alvast via je streamingdienst.

Noah’s Ark is nog altijd digitaal te beluisteren. Doe dat hieronder.

Geplaatst door bowie op 2 oktober 2026
,